JAARVERSLAG
2022

Bekijk jaarverslag

INLEIDING

Met de start van het jaar 2022 startte ook het Strategisch Beleidsplan 2022-2026 van Het Stedelijk. Een beleidsplan dat tot stand is gekomen in overleg met medewerkers, ouders, leerlingen en stakeholders. Een beleidsplan dat voortbouwt op de daarvoor gelegde basis om een inclusieve, effectieve en veilige school te zijn. De in 2019 gelegde basis bleek tijdens corona stevig te zijn, waardoor in de loop van 2022 en na het opheffen van de corona-maatregelen gebouwd kon worden aan de in het Strategisch Beleidsplan omarmde waarden: open, eigen en vooruit!

Hierbij past het om onze organisatie voortaan als ‘Het Stedelijk’ aan te duiden in plaats van ‘Het Stedelijk Lyceum’. En om aan te geven dat al onze locaties samen onze organisatie vormen, hebben ze allemaal ‘Het Stedelijk’ voor de locatienaam gekregen. Twee van onze locaties hebben zelfs een volledig andere naam gekregen; zo heet De Stedelijke Mavo voortaan Het Stedelijk Zwering en heet Het Stedelijk Vakcollege voortaan Het Stedelijk Alpha. 

Bij deze naamswijziging past ook een nieuw logo. Ter gelegenheid van het eveneens in 2022 groots gevierde lustrum – 25 jaar Het Stedelijk!- zijn de nieuwe namen en het nieuwe logo geïntroduceerd.

Bekijk video

Vanuit de visie op leren en de visie op onderwijs is stevig gewerkt aan het ontwikkelen van goed onderwijs en het helpen van de leerling bij het zoeken en vinden van de juiste leerroute van ons funderend onderwijs naar (passend) werk of het beroepsonderwijs en hoger onderwijs.

In het kader van visie en waarden zorgen we ook voor de juiste leeromgeving. Zo kon Het Stedelijk Innova haar intrek nemen in het verbouwde Service Centrum Oost dat qua indeling geheel is aangepast aan het onderwijsconcept van Het Stedelijk Innova, namelijk gepersonaliseerd leren. 

In 2022 is de Stedelijke Academie steeds verder doorontwikkeld. Vanuit een breed scala aan workshops, trainingen en bijeenkomsten bieden wij onze docenten en medewerkers mogelijkheden om zich verder te kunnen ontwikkelen om op deze wijze de leerling steeds beter onderwijs en ondersteuning te kunnen geven. 

Omdat wij gaan voor kansengelijkheid hebben wij ook in 2022 weer gratis chromebooks voor al onze leerlingen ter beschikking gesteld. Ouders betalen alleen nog een klein bedrag voor o.a. de verzekering.

Kortom, in 2022 is stevig verder gewerkt aan de basis. Door te werken met stuurgroepen en themagroepen en bijeenkomsten werken wij aan complexe vraagstukken waar iedere collega op grond van zijn of haar expertise bij gevraagd kan worden. Zo zorgen wij samen actief voor onze scholen.

INHOUDSOPGAVE

ONDERWIJS
01

ONZE SCHOLEN
02

KWALITEITSZORG
03

PERSONEEL
04

HUISVESTING & ICT
05

FINANCIËN
06

GOVERNANCE
07

VERSLAG
RAAD VAN TOEZICHT
08

ALGEMENE GEGEVENS
09

GRONDSLAGEN WAARDERING
ACTIVA & PASSIVA
10

JAARREKENING
11

 

01
ONDERWIJS

 

Het Stedelijk heeft acht locaties, een Centrum voor Onderwijs & Ondersteuning en een Bestuursbureau. Iedere locatie heeft een eigen herkenbaar profiel. Zo kunnen leerlingen kiezen welke locatie bij hen past en bij welke locatie zij zich het meest thuis voelen. Dit geldt niet voor de ISK, de Internationale Schakelklassen, waar leerlingen instromen om de Nederlandse taal te leren voordat zij geschakeld kunnen worden naar de locatie van hun voorkeur en niveau. Voor het schooljaar 2022/2023 hebben 646 leerlingen zich aangemeld bij Het Stedelijk. In totaal zijn er 3.538 leerlingen die onderwijs volgen bij Het Stedelijk. 


PASSEND ONDERWIJS EN CENTRUM VOOR ONDERWIJS & ONDERSTEUNING (COO)

In 2022 heeft COO veel tijd en aandacht besteed aan het verder ontwikkelen van de ondersteuning van docenten om op alle locaties passend onderwijs te kunnen bieden. Daarbij heeft de focus meer gelegen op docentondersteuning en minder op leerlingondersteuning, waarbij expertise delen met de docent in de klas van groot belang was. Tevens is afgelopen jaar de Stedelijke Academie verder uitgebouwd en wordt er inmiddels een breed scala aan workshops, trainingen en bijeenkomsten georganiseerd, zodat docenten zich ook op deze manier verder kunnen ontwikkelen. De ondersteuning op de locaties is meer ingericht op dat wat de docent nodig heeft om de leerling een passende plek in de klas te laten behouden. Om de basisondersteuning binnen het Stedelijk op alle locaties goed in te richten heeft de locatie ondersteuning groep (LOG) hier specifieke ondersteuning op geboden. Daarnaast biedt de LOG ook extra ondersteuning en begeleidt leerlingen. Middels studiemiddagen, sprekers en teambijeenkomsten is veel expertise gedeeld. Op deze manier kunnen docenten de leerlingen in de klas goed begeleiden tijdens hun leerproces. Ook is er aandacht geweest voor de mogelijkheden van inrichtingen van het onderwijs voor leerlingen die extra ondersteuning nodig hebben om de weg richting een diploma voort te zetten. 

AGILE WERKEN MET TANTE LEAN EN THEMAGROEPEN VAN COO

In 2022 is COO een samenwerking aangegaan met Tante Lean een organisatie die agile werken vanuit zelforganisatie biedt en teams hierbij begeleiding geeft. Door op deze manier het eigenaarschap bij het team te leggen, wordt een daadkrachtige, gemotiveerde en flexibele samenwerkingen georganiseerd die snel tot resultaten leidt. Middels Scrum, een werkvorm om meer overzicht te houden en je werkplezier te vergroten, heeft het COO een andere manier van werken geïntroduceerd. Op deze manier kan effectiever worden gewerkt en kan meer in minder tijd worden bereikt. Om hier goed vorm aan te geven zijn vier ontwikkelgroepen gevormd en werken we aan:

  • Leerling in beeld
  • Ontwikkelingsgericht werken
  • Docentondersteuning
  • Doorstroom (voorkomen afstroom)

Deze themagroepen verbinden de inhoud met de ondersteuning voor de locaties. Wekelijks zijn stand-ups, maandelijks zijn sprints en per kwartaal worden releases georganiseerd. Cyclisch worden alle stakeholders binnen en buiten Het Stedelijk betrokken bij de ontwikkelingen in de teams.

MISSIE EN VISIE

Binnen Het Stedelijk wordt gewerkt vanuit het Strategisch Beleidsplan 2022-2026 en de daarin vastgelegde richtinggevende kernwaarden: open, eigen en vooruit. 

Missie

waarom we het doen

De missie is om al onze leerlingen en medewerkers de mogelijkheid te bieden om persoonlijk vooruit te komen. Die mogelijkheden worden geboden door sterk effectief en inclusief onderwijs in een veilige organisatie. 

Leerlingen en medewerkers stimuleren we om meer te leren door te werken aan hun (school)succes passend bij hun ambitie en talenten. Met een gegarandeerd curriculum kunnen leerlingen onze school altijd verlaten met een diploma of certificaat. 

Er is expliciete aandacht voor het vergroten van de kansengelijkheid en voor uitdaging en ondersteuning van alle betrokkenen. 

Het Stedelijk verzorgt de volle breedte van het voortgezet openbaar onderwijs, inclusief het onderwijs aan nieuwkomers en de internationale secondary IST voor expats. Deze brede opdracht kan gerealiseerd worden mede dankzij de relaties die lokaal, landelijk en internationaal worden onderhouden. 

De maatschappelijke opdracht van Het Stedelijk is soms net zo groot als de onderwijskundige opdracht en daar wordt niet voor weggelopen. Actief werk maken van een open cultuur en de verbindingen tussen collega’s en partners. Het belang van het schoolsucces van alle leerlingen is leidend bij het maken van keuzes voor onze organisatie. 

Visie

hoe we het doen

Het Stedelijk werkt vanuit een viertal samenhangende visies, die door alle locaties en medewerkers worden onderschreven. Deze visies vormen samen het bestuurlijke kader waarbinnen de locaties hun visie op onderwijs vormgeven. Dit onderwijs past bij de opdracht en de leerlingen van de locatie. De visie op onderwijs is leidend bij de keuzes die locaties maken voor de besteding en inzet van middelen en mensen. 

Alle locaties hanteren hiervoor het referentiekader kwaliteit en gebruiken lesbezoek, audits en de ontwikkelde dashboards om zelf op koers te blijven. De optelsom van deze vier visies wordt versterkt door onze cultuur. Daar wordt actief aan gewerkt, ook al is dat niet altijd makkelijk. 

1

Het Stedelijk gelooft  dat iedere leerling een stevige kennisbasis en vaardigheden nodig heeft: het is belangrijk dat leerlingen eerst leren lopen, voordat ze gevraagd worden om te rennen. Deze visie op het leren, die verder uitgewerkt is in het Schoolplan, is een gedeelde visie binnen de organisatie. Er zijn in de dagelijkse praktijk grote verschillen tussen onze leerlingen bij binnenkomst. Mede om deze reden ligt de verantwoordelijkheid voor de visie op onderwijs bij de verschillende locaties. Zij hebben de opdracht aan te sluiten op de onderwijs- en ondersteuningsbehoefte van de leerlingen en hun resultaten van de lessen en examens te monitoren. Al ons onderwijs is een optimale combinatie van docent- en leerlinggestuurd onderwijs, waarbij er eerst een stevige basis is gelegd in een pedagogische relatie. Onze leerlingen hebben een veilige en uitdagende schooltijd nodig om zich te kunnen ontwikkelen. 

Vanuit het wettelijk kader heeft het vo samen met het po een funderende opdracht voor alle jongeren van 0-18 jaar oud. Passend onderwijs vraagt om al deze leerlingen in staat te stellen om in het beroepsonderwijs of hoger onderwijs een startkwalificatie te behalen. Het Stedelijk is vanuit deze opdracht mede verantwoordelijk voor de leerlingen tot in het beroepsonderwijs en het hoger onderwijs, in binnen- of buitenland. Of in het toeleiden van de leerling naar passend werk als het om praktijkonderwijs gaat. Het Stedelijk heeft binnen dit wettelijk kader haar eigen ambitie met betrekking tot passend onderwijs in haar School Ondersteuningsprofiel en het Schoolplan geformuleerd. 

2

Onze visie op het organiseren van het leren is dat Het Stedelijk een organisatie van professionals willen zijn. Een lerende organisatie, die daarvoor ook optimaal voor is ingericht. Het leren van professionals met betrekking tot het schoolsucces van hun leerlingen via leerteams (professionele leergemeenschappen) wordt georganiseerd. Een professionele leergemeenschap bestaat uit een groep docenten en ondersteuners die zich gezamenlijk inzetten voor processen van collectief actieonderzoek met het oog op betere leerresultaten voor de leerlingen die ze dienen. Op alle leergemeenschappen krijgen deze leerteams vorm, waarin professionals elkaar aanvullen in expertise en rollen.

3

Onze visie op veranderen is ontwikkeld tijdens de veranderagenda tussen 2019 en 2021. Bemerkt werd dat er een bovenstroom en een onderstroom is. Beiden krijgen de aandacht die ze verdienen. De bovenstroom is zichtbaar, bewust en grijpbaar gemaakt in de nieuwe besturingsvisie en organogram. Onze overleggen, audits en rapportages en maken de beleidscyclus rond. Dit is de harde governance. Naast een bovenstroom, is er altijd ook een onderstroom. Het is de zachte kant van de governance die ook de aandacht vraagt. Een onderstroom komt voort uit de cultuur en identiteit van de organisatie. 

Onze visie op veranderen is, dat zowel de bovenstroom als de onderstroom worden benut en bespreekbaar gemaakt om tot collectieve intelligentie en succes te komen. Voor de knoop wordt doorgehakt van grote vraagstukken, zijn die in ieder geval besproken met die mensen die de consequenties van de besluitvorming moeten dragen. Deze manier van werken is vastgelegd in de besturingsvisie, die we in 2021 ingevoerd hebben.

Gerealiseerd wordt dat niet in een tijdperk van verandering geleefd wordt, maar in een veranderend tijdperk. Dat het anders kan, bleek tijdens de coronapandemie toen het onderwijs noodgedwongen plaatsonafhankelijk moest worden aangeboden. In de toekomst zal nog veel meer op dit vlak gevraagd worden. Doorgaande leerlijnen vragen om het ondergeschikt maken van onze bestaande structuren en grenzen tussen locaties. Plaatsonafhankelijkheid van onderwijs betekent dat digitalisering een vaste basis in onze visie op leren gegeven moet worden. Dergelijke ontwikkelingen veranderen ook de druk op onze schoolgebouwen in de toekomst. Dit vraagstuk wordt versterkt door de demografie ten aanzien van leerlingen. Er vinden binnen Enschede wat verschuivingen plaats tussen de grote aanbieders van voortgezet onderwijs, maar er is geen grote groei van nieuwe leerlingen te verwachten de komende vier jaren. Dat betekent het maken van nieuwe keuzes over welke gebouwen nodig zijn en hoe in te richten. Tegelijkertijd wordt in het onderwijs in doorgaande leerlijnen dusdanig samengewerkt, dat gebiedsontwikkeling met strategische partners zeer wenselijk is. 

4

Professionalisering wordt als een voorwaarde gezien voor het feit dat we vooruit willen, voor de leerling en onszelf. Onze visie op professionalisering is gebaseerd op de vijf dimensies van Peter Senge. Een organisatie kan vanuit deze visie pas vooruit, als alle betrokkenen voortdurend hun capaciteit om tot gewenste resultaten te komen uitbreiden. Dat vraagt bovendien ook een organisatie die nieuwe denkpatronen koestert en waar concrete ambitie leidend is. Iedere collega streeft naar persoonlijk meesterschap en kent zijn eigen ambitie. Iedereen wordt daarin tijdens de verschillende fases van zijn carrière ondersteund door onze organisatie. Daarvoor wordt regelmatig feedback gevraagd aan elkaar en andere betrokkenen, omdat een ieder daar individueel en collectief sterker van wordt. Onder de programmalijn ‘Mensen’ worden die zaken die daarvoor zorgen en ons scherp houden, georganiseerd.

VOORLICHTING EN VERSTERKING RELATIE MET BASISONDERWIJS 

Dit jaar heeft de themagroep ‘Versterken Merk en Vergroten Instroom’ verschillende doelen uitgewerkt en aangepakt om de relatie met het basisonderwijs te versterken.  Met behulp van uitkomsten van enquêtes gehouden onder brugklasleerlingen is richting gegeven aan de invulling. Dit dient voor de themagroep als onderlegger voor de marktbenadering en locatiecampagnes.

Determinatie

Voor een goede determinatie, waarbij leerlingen op de juiste plaats terechtkomen in het voortgezet onderwijs, is het van belang dat po en vo samenwerken en hierbij het belang van de leerling voorop stellen. Instrumenten om tot een goede determinatie te komen, zijn onder andere:

  • toetsen en testen die binnen het po door leerlingen worden gemaakt
  • een goed functionerend leerlingvolgsysteem
  • het voeren van zogenaamde driehoeksgesprekken binnen het po
  • een constante en periodieke uitwisseling van gegevens tussen po en vo
  • een inhoudelijke ‘warme’ overdracht op basis van de OSO

Met de uitkomsten van de CITO en rekening houdend met de ontwikkelingsperspectieven van de leerlingen stelt Het Stedelijk zich ten doel om alle leerlingen op het juiste (opleidingsniveau) te plaatsen en de leerlingen uit te dagen om goede prestaties te leveren binnen een passend niveau.

NATIONAAL PROGRAMMA ONDERWIJS

De afgelopen jaren was een uitdagende maar ook erg leerzame periode voor het onderwijs. Door de coronacrisis kwamen kinderen, ouders en scholen in Nederland voor nieuwe uitdagingen te staan om onderwijs door te kunnen laten gaan terwijl leerlingen gedurende grote periodes niet fysiek naar school konden komen. De corona-crisis heeft impact gehad. Tegelijkertijd heeft het ons ook mooie dingen gebracht en zijn sommige onderwijsinnovaties in stroomversnelling geraakt (bijvoorbeeld meer formatief evalueren).

Het ministerie van OCW heeft hiervoor de ‘NPO-gelden’beschikbaar gesteld voor scholen om achterstanden van leerlingen weg te werken. De locaties van Het Stedelijk hebben diverse interventies uitgevoerd. Het is belangrijk om mee te geven dat in de keuzes van de interventie niet alleen achterstanden zijn meegenomen. Locaties van Het Stedelijk waren zelf ook al bezig met duurzame onderwijsontwikkelingen om in het algemeen onderwijsresultaten en/of welbevinden te vergroten. De interventies die zijn gemaakt sluiten daarbij dan ook aan en zijn uiteraard voorzien van de vereiste instemming van de (G)MR.

De locaties hebben, ondersteund door de afdeling kwaliteitszorg, analyses gemaakt waar de leerlingen staan op cognitief en sociaal-emotioneel gebied. Sommige locaties hebben er bijvoorbeeld voor gekozen nog extra informatie op te halen bij leerlingen en docenten, terwijl dat bij andere locaties niet nodig was. Op basis van de resultaten van de schoolscan en op basis van de koers rondom duurzame onderwijsontwikkeling die de locaties al doorliepen, zijn keuzes gemaakt aangaande de interventies.

De belangrijkste interventies die zijn gekozen / uitgevoerd:

  • Klassenverkleining (E op ‘menukaart’)
  • Interventies gericht op faciliteiten en randvoorwaarden (F), met name uitbreiding lessentabel.
  • Ontwikkeling van de executieve functies van leerlingen (D)
  • Feedback (B)

Al deze interventies hebben geleid tot een extra investering van bijna 2 miljoen euro in het kalenderjaar 2022. Verdeeld over grotendeels uitbreiding eigen formatie en materialen voor NPO-projecten. Ongeveer 15% van de NPO-middelen is gebruikt voor PNIL.

TOELATINGSBELEID

 Het Stedelijk is een openbare scholengemeenschap in Enschede voor praktijkonderwijs, vmbo, havo, atheneum en gymnasium. Openbaar onderwijs betekent bij ons niet alleen dat iedereen welkom is, ook dat iedereen evenveel kansen krijgt en op een gelijke manier wordt behandeld. Of je nu goed kunt leren, creatief, sociaal of een echte sporter bent, we helpen je groeien en ontwikkelen tot een zelfbewust persoon. Wie je ook bent, wij hebben een school die bij jou past. Wij willen dat iedere leerling een ontwikkeling doormaakt, passend bij het eigen niveau en talenten. Daarbij bieden we op iedere onderwijslocatie ondersteuning en daarbij wordt passende/extra specifieke ondersteuning geboden op de locaties in verschillende vormen. Bijvoorbeeld Uniq-u (internaliserende problematiek, zoals meervoudige begaafdheid en autisme) en Novo Ego (externaliserende problematiek, zoals gedragsproblemen.) Bij het aannamebeleid kijken we naar de ondersteuningsbehoefte van de leerlingen en de mogelijkheden die de locatie heeft om hieraan te voldoen. Indien aan de ondersteuningsbehoefte op betreffende locatie niet kan worden voldaan, gaan we met ouders in gesprek en zoeken we naar passende oplossingen in de scholenkoepel en/of samenwerkingsverband.

 

 

WIJ ZIJN HET STEDELIJK!

Ontdek onze scholen

 

 

 

02
ONZE
SCHOLEN

 

HET STEDELIJK COLLEGE ZUID

mavo/havo/vwo

HET STEDELIJK ZWERING

mavo/onderbouw havo

HET STEDELIJK ALPHA

vmbo-b/vmbo-k

HET STEDELIJK INNOVA

mavo/havo

HET STEDELIJK ISK

internationale schakelklassen

INTERNATIONAL SCHOOL TWENTE

internationaal onderwijs

HET STEDELIJK KOTTENPARK

havo/vwo/gymnasium

HET STEDELIJK DIEKMAN

praktijkonderwijs

TIENERCOLLEGE FLORÈS

10-14 school

HET STEDELIJK COLLEGE ZUID

GOEDE AANMELDING

VWO+ VANAF KLAS 1

INTRODUCTIE ZUIDSCHRIFT

SPAANS IN DE BOVENBOUW

ONTWIKKELING EXAMENCIJFERS

HUISVESTING & CATERING

STUDIERUIMTE TRAININGSLOCATIE TOPSPORT

HET STEDELIJK

ZWERING

TERUGLOOP IN AANMELDINGEN

HERIJKING KOERS

POSITIEVE CIJFERS CENTRALE EINDEXAMENS

PROFESSIO- NALISEREN

VERSTEVIGEN EXTERNE CONTACTEN

POSITIEVE ONTWIKKELINGEN

HET STEDELIJK ALPHA

NIEUWE NAAM

CAMPUS ZUID

SCHOOLCULTUUR EN VEILIGHEID

VAN VERZUIMBELEID NAAR AANWEZIGHEID

STERK TECHNIEKONDERWIJS

TECHNOLAB

HET STEDELIJK INNOVA

NIEUW SCHOOLGEBOUW

GROEI LEERLINGENAANTAL

ONDERWIJSRESULTATEN

BOVENBOUW HAVO

LEARNING PORTAL

JUNIQ-U

HET STEDELIJK ISK

GROEI DOOR WERELDWIJDE ONTWIKKELINGEN

LES OP ANDERE LOCATIES

DOORONTWIKKELING LEERTEAMS EN LEERROUTES

HET STEDELIJK KOTTENPARK

FORMATIEF HANDELEN

VERTICALE TEAMSTRUCTUUR

SAMENHANG IN BELEIDSONTWIKKELING

MINDER GOED NIEUWS

HET STEDELIJK DIEKMAN

SAMENWERKING BEDRIJVEN

VERBETERING ONDERWIJSKWALITEIT

LEERTEAM- ONTWIKKELING

INTERNATIONAL SCHOOL TWENTE

GROEI ZET DOOR

SUCCESVOLLE IB EVALUATION

INZET OP ONTWIKKELEN

UITBREIDEN AANBOD

NETWERK EN BEKENDHEID VERGROTEN

ONDERSTEUNING

NOVO EGO

JUNIQ-U

ICT IN HET ONDERWIJS

SAMENWERKINGS- VERBANDEN

ASPIRANT OPLEIDINGSSCHOOL PILOTS

 

03
KWALITEITSZORG

 

 

AANMELDINGEN NIEUWE LEERLINGEN

575

Aanmeldingen nieuwe leerlingen
2020 (excl. ISK en IST)

540

Aanmeldingen nieuwe leerlingen
2021 (excl. ISK en IST)

629

Aanmeldingen nieuwe leerlingen
2022 (excl. ISK en IST)

 

AANTAL LEERLINGEN

3303

Aantal leerlingen
per 1 oktober 2020

3264

Aantal leerlingen
per 1 oktober
2021

3538

Aantal leerlingen
per 1 oktober
2022

 

OPBRENGSTEN ONDERWIJS

De Inspectie van het Onderwijs kijkt op verschillende manieren naar de kwaliteit van het onderwijs op middelbare scholen. Zo beoordeelt de inspectie de onderwijsresultaten met het onderwijsresultatenmodel. Het onderwijsresultatenmodel bestaat uit vier indicatoren:

  • Positie in leerjaar 3 ten opzichte van het advies van de basisschool (onderwijspositie t.o.v. advies po).
  • Percentage onvertraagde studievoortgang in leerjaar 1 en 2 (onderbouwsnelheid).
  • Percentage onvertraagde studievoortgang vanaf leerjaar 3 per afdeling (Bovenbouwsucces).
  • Gemiddeld cijfer centraal examen van alle vakken per afdeling (examencijfers).*

Voor elk van deze indicatoren is een norm vastgesteld door de inspectie. De opbrengsten vormen een belangrijke indicator voor het oordeel van de kwaliteit van het onderwijs. Het opbrengstenoordeel is / de indicatoren zijn gebaseerd op de resultaten behaald in de afgelopen 3 jaar. Wanneer meer dan één indicator onvoldoende is, wordt het totaal opbrengstenoordeel door de inspectie als onvoldoende gewaardeerd. De opbrengsten hebben de aandacht en vormen een vast onderdeel van de beleidscyclus. De resultaten worden geanalyseerd en geven input voor verschillende plannen binnen de locaties. Alle locaties van Het Stedelijk ontvangen een voldoende oordeel van de Inspectie op de onderwijsresultaten 2022-2023. 

ONDERWIJSRESULTATEN

LocatieOnderwijs
soort
Opbrengstenoordeel totaalOnderwijs
positie t.o.v. advies po
Onderbouw
snelheid
Bovenbouw
succes
Kottenparkhavovoldoende13,04% (-7,00%)96,30% (93,69%)79,74%% (77,30%)
vwo85,12% (79,36%)
College Zuidvmbo-(g)tvoldoende14,16% (-7,00%)96,58% (93,56%)88,87% (81,62%)
havo76,70% (77,19%)
vwo83,61%% (79,10%)
Zweringvmbo-(g)tvoldoende28,21% (-7,00)96,68% (93,32%)86,30%% (81,72%)
Innovavmbo-(g)tvoldoende27,45% (-7,00)91,30%% (93,58%)87,83% (82,55%)
Alphavmbo–bvoldoende25,56% (-7,00)94,62% (93,03%)81,74% (82,75%)
vmbo-kvoldoende86,07% (83,12%)

HET STEDELIJK DIEKMAN

Het Stedelijk Diekman met praktijkonderwijs wordt door de inspectie niet beoordeeld aan de hand van het onderwijsresultatenmodel. Wél wordt gekeken naar behaalde diploma’s en certificaten. Het Stedelijk Diekman scoort met betrekking tot (branche)certificaten boven het landelijk gemiddelde. Zie onderstaande link voor de resultaten van Het Stedelijk Diekman.

Resultaten Het Stedelijk Diekman

Ook zijn er leerlingen die in 2022 hebben deelgenomen aan de IVIO-examens Nederlandse Taal, Rekenen en Wiskunde en Engels, zie in de tabel hiernaast de slaagpercentages.

IVIO EXAMENSLAGINGSPERCENTAGE 2022
NE192,31%
NE296,77%
NE3100%
RE167,86%
RE236,36%
EN183,67%
EN291,3%
EN3100%
EN4100%

SLAGINGSPERCENTAGES

In schooljaar 2021-2022 heeft er een centraal schriftelijk examen plaatsgevonden. Wel hebben er een aantal examenaanpassingen plaatsgevonden vanwege de coronasituatie (o.a.: drie tijdvakken, extra herkansing en het wegstrepen van een niet kernvak (duimregeling). De ambitie van Het Stedelijk is om elk slagingspercentage boven de landelijke norm te krijgen. Het Stedelijk Alpha, vmbo-b en en Innova, vmbo g/t hebben een slagingspercentage behaald van 100%. Ook het Het Stedelijk Zwering en Het Stedelijk College Zuid, vmbo-gt en Het Stedelijk Kottenpark, havo komen boven het landelijk gemiddelde uit. 

Toelichting tabel
LocatieOnderwijsniveauSlagingspercentage 2022
Het Stedelijk Alphavmbo-b100% (99%)
Het Stedelijk Alphavmbo-k95,8% (98,9%)
Het Stedelijk Zweringvmbo-gt98,8% (95,8%)
Het Stedelijk Innovavmbo-gt100% (95,8%)
Het Stedelijk College Zuidvmbo-gt96,2% (95,8%)
Het Stedelijk Kottenparkhavo90,9% (90,5%)
Het Stedelijk College Zuidhavo56,9% (90,5%)
Het Stedelijk Kottenparkvwo89,5% (92,8%)
Het Stedelijk College Zuidvwo60 % (92,8%)

TEVREDENHEIDSONDERZOEKEN / MONITORING SOCIALE VEILIGHEID

Elk jaar vinden op de locaties van Het Stedelijk tevredenheidsonderzoeken plaats onder een representatieve groep leerlingen en hun ouders. Met de leerlingen-tevredenheidsvragenlijst monitort Het Stedelijk ook de sociale veiligheid van haar leerlingen. Door het meten van tevredenheid en veiligheid wordt gehoor gegeven aan de inspanningsverplichting uit de Wet sociale veiligheid op scholen. In 2022 zijn vragenlijsten afgenomen in maart en april. Op alle scholen wordt aandacht besteed aan het behalen van een zo hoog mogelijke respons van zowel de ouders als de leerlingen. De komende schooljaren is het streven op elke locatie boven de landelijke benchmark te zitten. Gerichte acties op de locaties moeten ervoor zorgen dat de tevredenheid van onze leerlingen en ouders de komende jaren stijgt.

 De onderwijsresultaten, slagingspercentages en waarderingen (tevredenheidsonderzoeken) van iedere school worden ook gepubliceerd op www.scholenopdekaart.nl.

Toelichting tabel
LocatieAfdelingAlgemeenSfeerVeiligheid
Innovabrugjaar7,6 (7,0)8,0 (7,8)8,9 (9,3)
vmbo gt6,7 (6,4)6,7 (7,1)9,2 (9,2)
Zweringbrugjaar7,2 (7,0)7,9 (7,8)9,2 (9,3)
vmbo gt6,2 (6,4)6,8 (7,1)9,1 (9,2)
Alphabrugjaar7 (7,0)7,3 (7,8)9 (9,3)
vmbo-b6,5 (6,6)6,5 (7,0)8,5 (9,0)
Kottenparkvmbo-k6 (6,4)6,2 (7,0)9,3 (9,1)
brugjaar6,9 (7,0)7,8 (7,8)9,1 (9,3)
havo5,7 (6,2)6,7 (7,2)9,2 (9,4)
vwo5,7 (6,5)7,2 (7,6)9,4 (9,5)
College Zuidbrugjaar6,9 (7,0)7,8 (7,8)9,3 (9,3)
vmbo g/t6,2 (6,4)7 (7,1)8,9 (9,2)
havo6,0 (6,2)6,8 (7,2)9,4 (9,4)
vwo5,6 (6,5)6,6 (7,6)9,2 (9,5)
Het DiekmanPraktijk7,7 (7,5)7,4 (7,6)8,2 (9,2)
Schakel7,7 (6,6)7,7 (7,0)9 (9,0)
ISKISK**8,2(6,6)7,7 (7,5)8,8 (9,3)

KWALITEITSZORG

THEMAGROEP KWALITEITSCULTUUR

INSPRITATIEDAG 2022

 

04
PERSONEEL

 


ALGEMEEN PROGRAMMALIJN MENSEN

Op basis van de veranderagenda is in 2022 ingezet op de realisatie van de benoemde doelen in de programmalijn Mens te weten vitaliteit, welbevinden en ontwikkeling.

Binnen de organisatie zijn de randvoorwaarden om je als werknemer verder te ontwikkelen in een ervaren veiligheid vormgegeven en wel op basis van een professionele relatie. 

Het aanjagen, ondersteunen en volgen van de professionele ontwikkeling is op vele plekken in de organisatie terug te vinden. Daarbij zijn teamleiders meer in the lead gekomen en hebben in gesprekken met medewerkers onderzocht waar behoeftes lagen. Zo is een passend aanbod ontwikkeld, waarbij medewerkers gebruik kunnen maken van trainingen die vitaliteit verhogen. Schaatstrainingen, mindwalk, meditatie en andere workshops waren onder andere onderdeel van dit aanbod via de Stedelijk Academie. 

STEDELIJK ACADEMIE 

De Stedelijk Academie stimuleert de bevlogenheid en vooral de intrinsieke motivatie van onze medewerkers die aansluit op de ‘sweet spot’ van de medewerkers. Hiermee kunnen ook door medewerkers nieuwe aansprekende trainingen aangeboden worden. Medewerkers die expertise willen delen kunnen dit zelf via de Stedelijk Academie middels een training/workshops aanbieden.  . Via het platform worden leeractiviteiten, vitaliteit en welbevinden aangeboden en ervaringen gedeeld.

Afgelopen jaar heeft de Stedelijk Academie de volgende intenties gehad:

  • leerbehoeften op te halen van de werkvloer
  • professionele ruimte en communicatie te bevorderen
  • versterken van onderlinge communicatie
  • draagvlak creëren
  • kwaliteiten van personeel inzetten
  • samenwerken met externen o.a. de lerarenopleiding, Universiteit Twente, Saxion, Academica
  • ontwikkeling bevorderen

THEMAGROEP INZETTEN OP TALENTEN VAN MEDEWERKERS

De themagroep inzetten op talenten van medewerkers heeft als doel te onderzoeken en uit te werken hoe talenten langdurig gebonden kunnen worden aan Het Stedelijk. Professionaliseren en de kans krijgen om je binnen Het Stedelijk verder te ontwikkelen zijn belangrijke middelen daarbij. Zo heeft afgelopen jaar een groep medewerkers aangegeven de wens te hebben om in de toekomst een leidinggevende rol te willen gaan vervullen binnen het Stedelijk. Daarom is in september 2022 met een programma Oriëntatie Op Schoolleiderschap (OOS) gestart dat door een drietal teamleiders is ontwikkeld. Er zijn enkele trainingen georganiseerd waarbij de beginselen van leidinggeven aan een team zijn besproken. Omdat naast gedrag ook kennis belangrijk is, is voor deze groep de eerste module van de MILE (Master Inn. Leading & high performing Education) aangeboden. Deze modules worden modulair en incompany aangeboden aan 15 deelnemers. De dagen worden gefaciliteerd door kerndocenten van Academica University of Applied Sciences. In november 2022 is de eerste module gedraaid, te weten: ‘De ondernemende schoolleider’ (Leiders hebben impact II). Deze module bestond uit de onderdelen de maatschappelijke rol van de schoolleider, onderwijs in de maatschappelijke context en kansen(on)gelijkheid. 

De themagroep heeft in samenwerking met de P&O adviseurs van Het Stedelijk de volgende beleidsthema’s uit de reis van de medewerker ter bespreking en goedkeuring aangeboden aan het bestuur en het directieteam, te weten:

  • Werving en selectie (notitie vastgesteld in DV)
  • Fuwa (notitie vastgesteld in DV in samenwerking met VOS ABB uitgezet)
  • Arbodienst (contract nieuwe arbodienst, Arbo Unie)
  • Thuiswerkbeleid (notitie vastgesteld in DV)
  • Strategisch Personeelsbeleid (vlootschouw)
  • Vitaliteit en welbevinden (werkgroep Vitaliteit)
  • Taakbeleid (VOION pilot nieuw taakbeleid) 
  • PB 50/90

STRATEGISCH HR BELEID

DESKUNDIGHEID MEDEWERKERS VERHOGEN

SCHOLINGEN OP LOCATIENIVEAU

GEZONDHEIDSMANAGEMENT EN MEDEWERKERSTEVREDENHEID

Bij Het Stedelijk 2022 streven we ernaar de gezondheid en veiligheid van onze medewerkers te waarborgen. We hebben een aantal maatregelen geïmplementeerd om dit doel te ondersteunen, waaronder: regelmatige algehele lichamelijke gezondheidscontroles bij werknemers; het bevorderen van gezonde eetgewoonten door middel van fruitleveringen op kantoor en educatieve seminars; het aanbieden van middelen voor mentale gezondheid en stressmanagement in de hele organisatie; het aanbieden van flexibele werkregelingen waar nodig

De samenwerking met de Arbo dienst is aan het eind van het kalenderjaar 2022 gestopt. Gedurende 2022 hebben regelmatig gesprekken plaatsgevonden met de medewerkers en de werkgroep. Dit om te besluiten dat de Arbo Unie de nieuwe Arbodienst van het Stedelijk is geworden per 1-1-2023. Aan de post gezondheidsmanagement is in 2022 een totaalbedrag van ruim € 100.000 uitgegeven.  

Qua verzuimcijfers kan worden gemeld dat het verzuim in 2022 gemiddeld op 6,1.% is geëindigd. Het verloop van de afgelopen vijf jaren is in de tabel opgenomen.

VERZUIMCIJFERS

Jaarjanfebmrtaprmeijunjulaugsepoktnovdecgem
20225,96,17,37,66,76,64,83,24,65,56,78,26,1
202165,85,865,953,63,24,84,46,86,45,3
20208,18,78,75,65,46,34,47,86,17,36,46,86,8
20198,688,37,17,27,44,43,35,46,27,18,16,8
201889,77,87,76,16,45,34,255,98,786,9

BELEID UITKERINGEN NA ONTSLAG

WAB EN WNRA

WERKDRUKMIDDELEN

 

05
HUISVESTING
& ICT

 

HUISVESTING

De ingebruikname van de nieuwe locatie voor Het Stedelijk Innova was voor de huisvesting van Het Stedelijk een belangrijke mijlpaal in 2022. Het voormalige Service Centrum Oost is getransformeerd tot een onderwijsgebouw dat passend is voor het onderwijs dat Het Stedelijk Innova hier vanaf schooljaar 2022-2023 aanbiedt. De nieuw gebouwde gymzaal is in het najaar 2022 gereedgekomen en in gebruik genomen. De gebouwen hebben een bijna volledig nieuwe inrichting gekregen die past bij het onderwijs dat Het Stedelijk Innova aanbiedt. 

Het structurele gebouwenbestand ziet er vanaf 2022 als volgt uit.

Toelichting * en **

GEBOUWENBESTAND

Locaties (eigendom)Gebouw (m2)Sportzalen (m2)Perceel (m2)
Het Stedelijke Zwering3.7052713.248
Het Stedelijk Alpha*7.381**9.926
Het Stedelijk Innova3.9346496.305
Novo Ego / Performance Factorynvtnvt
Tienercollege Florès1.225**3.458
Het Stedelijk ISK1.544**4.084
Het Stedelijk Kottenpark9.6671.58739.196
Het Stedelijk Diekman2.925**4.661
Het Stedelijk College Zuid10.1131.34130.433
Totaal (in m2)40.4943.848101.311
Locaties (huur)GebouwSportzalenPerceel
Novo Ego / Performance Factorynvtnvt
Pontem (Consent)nvtnvt
  • 0
  • 1
  • 2
  • 3
  • 4

PONTEM COLLEGE

TIENERCOLLEGE FLORÈS

KOTTENPARK

ISK

COLLEGE ZUID

SUBSIDIES

ICT

Hieronder lees je de ontwikkelingen in 2022 op het gebied van ICT onderverdeeld in de categorieën hardware, infrastructuur en software. 

HARDWARE

INFRASTRUCTUUR

SOFTWARE

 

06
FINANCIËN

MEERJARENPERSPECTIEF,
RISICOPARAGRAAF EN
FINANCIËLE VERTALING

5.1 VERLOOP EXPLOITATIE EN FINANCIËLE KENGETALLEN

Financieel gezien heeft Het Stedelijk een solide jaar achter de rug. Het scherpe budgetbeheer en informatiemanagement zijn verankerd in de organisatie. De organisatie mag over 2022 een positief resultaat van € 156.000 aan haar vermogen bijschrijven.

Hiermee is de vermogenspositie van Het Stedelijk in 2022 verder verbeterd.

De ontwikkeling van het eigen vermogen net als het jaarlijkse exploitatieresultaat is in de tabel weergegeven. De bedragen zijn in duizendtallen vermeld. Het jaar 2019 is twee keer weergegeven (als gevolg van een stelselwijziging in 2019).

 

Ontwikkeling eigen vermogen en exploitatieresultaat over de afgelopen jaren

Ontwikkeling2017201820192019202020212022
Exploitatieresultaat4814838112.3131.597757156
Eigen Vermogen1.7102.1933.004-5471.0511.8081.964

ANALYSE VAN DE FINANCIËLE KENGETALLEN

Het Stedelijk monitort haar financiële positie en performance aan de hand van verschillende kengetallen. Het toepassen en monitoren van financiële kengetallen en signaleringsgrenzen leidt tot een evenwichtig en transparant financieel beleid dat uiteindelijk het onderwijs ten goede komt. Met het toepassen van financiële kengetallen houdt Het Stedelijk ook rekening met het advies van commissie Don en de gehanteerde signaleringswaarden van de Inspectie van het Onderwijs. 

In de volgende alinea’s worden de belangrijkste financiële kengetallen van 2022 gepresenteerd.

 

EIGEN VERMOGEN

Publiek onderwijsgeld moet optimaal aan onderwijs worden besteed en niet onnodig in reserves gaan zitten. De Inspectie van het Onderwijs heeft een rekenmethode ontwikkeld om te bepalen wat een redelijk (publiek) eigen vermogen is om aan te houden ter borging van een redelijkerwijs vermogen om in een gezonde bedrijfsvoering te kunnen voorzien.  Met de rekenmethode die is ontwikkeld is voor elke onderwijsinstelling een eigen signaleringswaarde voor een mogelijk bovenmatig eigen vermogen te berekenen. Het normatief eigen vermogen voor Het Stedelijk bedraagt eind 2022 4.651.000 euro. Het feitelijk eigen vermogen bedraagt 1.964.000. De signaleringsratio voor het eigen vermogen komt hiermee op 0,42. Bij Het Stedelijk is eind 2022 geen sprake van een bovenmatig eigen vermogen.

 

LIQUIDITEIT

De liquiditeit geeft inzicht in de mate waarin Het Stedelijk aan haar lopende betaalverplichtingen kan voldoen. Dit kengetal wordt gedefinieerd als ´totaal vlottende activa gedeeld door totaal kortlopende schulden´. De signaleringswaarde voor een instelling met een grootte van Het Stedelijk bedraagt 75%. De liquiditeit van Het Stedelijk is de laatste jaren gestegen naar het gewenste niveau. De liquiditeit bedraagt eind 2022 161% en voldoet daarmee ruimschoots aan de gestelde signaleringsgrenzen. 

Ingaande 2021 geldt er ook een signaleringswaarde ten aanzien van de absolute omvang van de liquide middelen. Deze moeten voor een VO-instelling minimaal 100.000 euro bedragen. Met een omvang van bijna 13 miljoen euro voldoet de instelling hier ruimschoots aan.

In de tabel is de ontwikkeling van de liquiditeit over de afgelopen jaren in beeld gebracht:

Ontwikkeling liquiditeit over de afgelopen jaren

Liquiditeit 20162017201820192019202020212022
Het Stedelijk111%174%208%205%205%207%157%161%
Norm ondergrens75%75%75%75%75%75%75%75%

SOLVABILITEIT

De solvabiliteit geeft inzicht in de mate waarin Het Stedelijk op lange termijn in staat is om aan de financiële verplichtingen te kunnen voldoen. 

De solvabiliteit 1 wordt gedefinieerd als `totaal eigen vermogen gedeeld door het totaal passiva´. 

De solvabiliteit 2 wordt gedefinieerd als `totaal eigen vermogen en voorzieningen gedeeld door het totaal passiva´. 

De solvabiliteit van Het Stedelijk is in 2022 verder verbeterd. De verbetering van de solvabiliteit volgt uit het positief jaarresultaat en de toename van de voorzieningen.

De solvabiliteit voldoet overigens in 2022 ruimschoots aan de signaleringswaarde van de Inspectie van het Onderwijs (30%).

Ontwikkeling solvabiliteit over de afgelopen jaren

Solvabiliteit2017201820192019202020212022
Solvabiliteit 223%30%39%26%45%35%40%
Norm ondergrens30%30%30%30%30%30%30%
Solvabiliteit 112%17%24%-5%11%11%13%

RENTABILITEIT

Het kengetal rentabiliteit heeft in de context van een onderwijsinstelling een andere connotatie dan in het bedrijfsleven. Met de rentabiliteit wordt derhalve niet de winstgevendheid bedoeld (Het Stedelijk heeft geen winstoogmerk). De commissie Don adviseert voor het budgetbeheer een structureel evenwicht waardoor de rentabiliteit structureel op minimaal 0% moet uitkomen. De Inspectie van het Onderwijs verlangt voor een instelling met de grootte van Het Stedelijk een signaleringswaarde die gemiddeld over de laatste drie jaren minimaal 0% is.

Omdat de solvabiliteitspositie van Het Stedelijk verbeterd moest worden, is de afgelopen jaren op een positieve rentabiliteit van gemiddeld 1% gekoerst. De rentabiliteit van afgelopen jaar voldeed aan de instellingsdoeleinden en bedroeg +0,4%. De rentabiliteit over de laatste drie jaar is gemiddeld 2,2 % per jaar geweest.

Ontwikkeling rentabiliteit over de afgelopen jaren

Rentabiliteit2017201820192019202020212022
Rentabiliteit1,0%1,0%2,2%6,40%4,4%2,0%0,4%
3 jaren gemiddelde0,4%0,9%1,2%2,8%3,9%4,3%2,2%
Rentabiliteit norm0,0%0,0%0,0%0,0%0,0%0,0%0,0%

HUISVESTINGSRATIO

De instelling maakt gebruik van de door Onderwijsinspectie geïntroduceerde huisvestingsratio. De huisvestingsratio is bedoeld om een indicatie te geven van de middelen die binnen een schoolbestuur worden ingezet voor de instandhouding van gebouwen en de huisvestingsgebonden. Deze factor wordt gedefinieerd als ‘huisvestingslasten + afschrijvingen gebouwen en terreinen gedeeld door de ‘totale lasten.

Voor een onderwijsinstelling met de omvang van Het Stedelijk geldt een bovengrens van 10%. De huisvestingsratio van Het Stedelijk blijft ruimschoots binnen de norm. Dat is een bijzonder goede prestatie met het oog op het aantal onderwijsgebouwen en -concepten die de instelling in Enschede aanbiedt.

Ontwikkeling huisvestingsratio over de afgelopen jaren

Huisvestingsratio2017201820192019202020212022
Norm bovengrens10%10%10%10%10%10%10%
Het Stedelijk10%13%10%6%6%7%7%

KAPITALISATIEFACTOR

De instelling maakt gebruik van de door commissie Don geïntroduceerde kapitalisatiefactor.

De kapitalisatiefactor is bedoeld om een indicatie te geven van middelen die binnen een schoolbestuur (nog) niet zijn ingezet in het onderwijsproces. Deze factor wordt gedefinieerd als ‘totaal balanstotaal minus boekwaarde ‘gebouwen’ gedeeld door de ‘totale baten’.

Voor een onderwijsinstelling met de omvang van Het Stedelijk adviseert commissie Don een signaleringsgrens van 35% (bovengrens). De kapitalisatiefactor van Het Stedelijk bedraagt in 2022 33% en voldoet hiermee aan de gestelde bovengrens van 35%.

Ontwikkeling kapitalisatiefactor over de afgelopen jaren

Kapitalisatiefactor2017201820192019202020212022
Het Stedelijk24%25%27%27%26%41%33%
Norm bovengrens35%35%35%35%35%35%35%

5.2 ANALYSE VAN DE FINANCIËLE ONTWIKKELINGEN 2021

Hieronder volgt een analyse van het resultaat in hoofdlijnen. Voor een verklaring van het jaarresultaat is een vergelijking gemaakt tussen de realisatie 2021, de begroting 2022 en de realisatie 2022 (in € 1.000).  De verschillen tussen de begroting 2022 en de realisatie 2022 (verschil kolom B en C) alsmede de verschillen tussen de realisatie 2021 en de realisatie 2022 (verschil kolom A en C) in het onderstaande overzicht in beeld gebracht.

Analyse Financiële Ontwikkelingen 2022

Realisatie 2021 (A)Begroting 2022 (B)Realisatie 2022 (C)VerschilVerschil
B en CA en C
Rijksbijdragen OC&W36.97636.10741.5915.4844.615
Overige Baten1.6691.5932.093500424
Totaal baten38.64537.70043.6845.9845.039
Personeelslasten31.51530.87735.3014.4243.786
Afschrijvingen636682888206252
Huisvestingslasten2.6862.8342.830-4144
Overige instellingslasten2.9792.9444.4421.4981.463
Financiële lasten727967-12-5
Totaal lasten37.88837.41643.5286.1125.640
Exploitatieresultaat757284156-128-601

Hieronder volgt een analyse op totaalniveau met een beschrijving van de belangrijkste afwijkingen. De bedragen in de tabel hierboven en de hierna volgende analyse zijn in euro’s en duizendtallen.

 

RIJKSBIJDRAGEN OC&W

Het afgelopen jaar zijn fors meer inkomsten gerealiseerd dan begroot. Er zijn fors meer inkomsten gerealiseerd als gevolg van een enorme groei op het ISK gedurende het jaar 2022 (+ 2.800)

Daarnaast heeft een stevige aanpassing plaatsgevonden van de personele lumpsum middelen. Dit tengevolge van CAO-bijstellen. De aanpassing voor Het Stedelijk bedroeg 2.200 euro. Ook dit bedrag was ten tijde van het vaststellen van de begroting 2022 niet bekend. De helft van 2.200 euro volgt ter dekking van de CAO loonaanpassingen, de andere helft ter compensatie van de PB50-90 bijstelling. Tot slot zijn vanuit het samenwerkingsverband de reserves verminderd waardoor een hogere bijdrage van 400 euro werd gerealiseerd. 

 

PRESTATIEBOXMIDDELEN

De gerealiseerde prestatieboxmiddelen liggen in lijn met de begroting (begroot € 1.100 euro). De helft van de prestatieboxmiddelen wordt gebruikt om centraal geregelde activiteiten te financieren, vallend binnen de doelstellingen van de regeling, zoals bijvoorbeeld het cito-volgsysteem voor leerlingen en de scholing van on-, onder- en anders bevoegde docenten. De andere helft van het bedrag wordt geoormerkt toegevoegd aan de locatiebudgetten. De locatie besteedt de middelen zelfstandig aan activiteiten die vallen binnen de doelstellingen van de regeling.

 

PERSONELE LASTEN

De personele lasten zijn door de extra opgaven fors hoger dan begroot (+ 4.400 euro). De belangrijkste verklaring hiervoor luidt:

OVERIGE INSTELLINGSLASTEN

De overige instellingslasten zijn hoger dan begroot uitgevallen (+ 1.400 euro). De belangrijkste verklaring hiervoor luidt:

TREASURY MANAGEMENT

Door Het Stedelijk is een treasurystatuut opgesteld. In dit statuut zijn de treasury taken en verantwoordelijkheden beschreven. Dit statuut is getoetst door de accountant en voldoet aan de daaraan te stellen eisen.

Het Stedelijk maakt gebruik van schatkistbankieren bij het Ministerie van Financiën.
Er wordt onder andere gebruikgemaakt van de leenfaciliteit inzake schatkistbankieren. 

Het Stedelijk heeft eind 2022 nog een langlopende lening bij de gemeente Enschede. Het saldo van deze lening is € 1,1 miljoen. De rentevoet van deze lening staat vast. Het Stedelijk loopt derhalve geen renterisico over deze lening.

Naast deze faciliteiten wordt gebruikgemaakt van een rekening-courant via schatkistbankieren. Het saldo van deze rekening-courant bedroeg ultimo 2022 € 11,6 miljoen. Het maximaal toelaatbare krediet bij deze rekening courant bedraagt € 2,8 miljoen. De kredietruimte ultimo 2022 bedraagt derhalve € 14,4 miljoen. De liquide middelen staan ter vrije beschikking aan Het Stedelijk en zijn direct opeisbaar.

De locaties van Het Stedelijk beschikken over een eigen bankrekening. De bancaire diensten voor de locaties worden vanaf 2016 bij Rabobank Enschede-Haaksbergen afgenomen. 

Voor een nadere toelichting omtrent de liquiditeit en de langdurige leningen wordt verwezen naar staat B5 van de jaarrekening.

5.3 CONTINUÏTEITSPARAGRAAF

De continuïteitsparagraaf (ook wel toekomstparagraaf genoemd) maakt deel uit van het jaarverslag van Het Stedelijk.

Zoals vermeld in de toelichtende brochure van de ‘richtlijn jaarverslag onderwijs’ is het doel van de toekomstparagraaf tweeërlei:

  1. structureel inzicht geven aan de verwachte ontwikkeling van activa en passiva alsmede van de baten en de lasten en
  2. nagaan in hoeverre de governance van de organisatie is ingericht.


De governance structuur van Het Stedelijk is beschreven in hoofdstuk 7.

 

RISICOBEHEERSINGS- EN CONTROLESYSTEEM

De instelling heeft diverse waarborgen getroffen om risico’s te mitigeren en grip te houden op belangrijke bedrijfsprocessen. De administratieve organisatie en interne beheersing rondom de belangrijke bedrijfsprocessen zijn jaarlijks onderdeel van de accountantscontrole en voldoen aan de daaraan te stellen eisen. Eventuele aanbevelingen/verbeteringen worden tijdig van opvolging voorzien c.q. geïmplementeerd. De uitkomsten van het accountantsonderzoek krijgen intern hoge aandacht. Ze maken deel uit van de werkoverleggen op elk niveau van de organisatie (teamoverleggen, stafvergaderingen, management-, bestuurs- en toezicht vergaderingen. Passende maatregelen worden genomen en overwegingen hiertoe worden toegelicht/uitgelegd. Het aspect doelmatigheid wordt hierbij niet vergeten.  Hetgeen kan betekenen dat bepaalde aanbevelingen niet of anders opgevolgd worden. Hierover vindt dan een open gesprek plaats in de organisatie.

 

STURINGSINSTRUMENTEN

Een aantal specifieke instrumenten is van belang voor de sturing van de bedrijfsvoering en de financiën. Onderstaand worden de belangrijkste instrumenten benoemd die Het Stedelijk in dit kader hanteert. 

Een belangrijk instrument – zo niet het belangrijkste – om ‘toekomstgericht’ te sturen, vormt de jaarbegroting inclusief het meerjarenperspectief. Het Stedelijk kent een beleidsrijke begroting. In deze begroting staan relevante, verwachte ontwikkelingen en is een risicoparagraaf opgenomen. De begrotingscyclus start jaarlijks na de zomervakantie en de begroting wordt uiteindelijk in december vastgesteld door het College van Bestuur en goedgekeurd door de Raad van Toezicht.

Het Stedelijk kent naast de concernbegroting een aantal andere control instrumenten, waaronder:

SCHOOLJAARBEGROTING

Op grond van de aanmeldingen en de in- en uitstroom wordt medio april een leerlingprognose voor het nieuwe schooljaar opgesteld. Deze leerlingprognose wordt uitgewerkt in een schooljaarbegroting (locatiebudgetten). Doordat rekening gehouden wordt met de bekostiging van het nieuwe schooljaar wordt de formatieruimte per locatie inzichtelijk gemaakt. De formatieruimte is taakstellend voor de locatie. De allocatie van middelen naar schoolniveau is een onderdeel van de locatiebudgetten. De instelling heeft centrale en decentrale budgetten onderscheiden. Dit om op een zo eerlijke wijze de middelen aan de locaties te verdelen. Op centraal niveau worden bijvoorbeeld de energielasten gedragen, omdat locaties niet tot nauwelijk invloed hebben op de energieprestatie van hun gebouwen.

 

FORMATIEPLANNING

De formatieplanning wordt opgestart zodra de formatieruimte per locatie inzichtelijk is gemaakt. De locaties zijn verantwoordelijk voor de formatieplanning. Formatietekorten en -overschotten worden organisatiebreed in het HPO (HerPlaatsingsOverleg) besproken en opgelost.

 

MANAGEMENTRAPPORTAGE

Het bestuursbureau rapporteert periodiek aan bestuur en directieleden. Binnen twee weken na het verstrijken van de rapportageperiode wordt informatie verstrekt inzake:

  • financiën per locatie (realisatie versus schooljaarbegroting locatie);
  • periode rapportage incl. toelichtingen inzake financiën concern (realisatie versus jaarbegroting);
  • liquiditeit (realisatie versus liquiditeitsbegroting/planning);
  • ziekteverzuim (organisatiebreed, incl. vergelijking recentere jaren);
  • ziekteverzuim (per locatie, incl. vergelijking recentere jaren).

De informatievoorziening is overigens blijvend in ontwikkeling. Zo zijn enkele onderdelen van de managementrapportage sinds enkele jaren via dashboards beschikbaar gekomen. Informatie is daardoor voor bestuur en management realtime beschikbaar en beter toegankelijk. 

Ook hebben de locaties real time inzicht in de financiële resultaten. Door het (verder) automatiseren van financiële dashboards, kan de organisatie meer waarde toevoegen aan haar rapportages (kwalitatief en analytisch).

De rest van het hoofdstuk gaat in op de verwachte ontwikkeling van activa en passiva en van de baten en de lasten. Deze is voornamelijk gebaseerd op de begroting 2023 inclusief het meerjarenperspectief en ook op de jaarcijfers van 2022.

 

BATEN EN LASTEN

In de begroting 2023 is een meerjarenperspectief opgenomen betreffende de jaren 2024 en 2025. Essentieel voor een goede meerjarenraming is een prognose van het aantal leerlingen. Op basis van relevante parameters en risico-inschatting is een leerlingenprognose opgesteld voor de schooljaren 2023/2024 en 2024/2025.

We hebben gerekend met de volgende leerlingaantallen:

1 oktober 2023: 3.538
1 oktober 2024: 3.618
1 oktober 2025: 3.683

Dit geeft de volgende meerjarencijfers (bedragen in €1.000):

Meerjarencijfers 2022

BegrotingBegrotingBegrotingBegroting
2022202320242025
Rijksbijdragen OC&W36.107.00095,8%40.740.00095,0%39.261.00094,7%39.967.00094,7%
Overige overheidsbijdragen0,0%0,0%-0,0%-0,0%
Overige baten1.593.0004,2%2.161.0005,0%2.210.0005,3%2.250.0005,3%
Personeelslasten30.877.00081,9%36.003.00083,9%33.757.00081,4%34.364.00081,4%
Afschrijvingen2.834.0007,5%3.245.0007,6%3.318.0008,0%3.377.0008,0%
Huisvestingslasten2.944.0007,8%3.477.0008,1%3.556.0008,6%3.620.0008,6%
Overige instellingslasten682.0001,8%516.0001,2%528.0001,3%538.0001,3%
Financiële lasten79.0000,2%84.0000,2%85.0000,2%87.0000,2%
Totale Baten37.700.000100,0%42.901.000100,0%41.471.000100,0%42.216.000100,0%
Totale Lasten37.416.00099,2%43.323.000101,0%41.243.00099,5%41.984.00099,5%
Genormaliseerd resultaat284.000528.000
NPO-inkomsten1.629.0002.480.515
NPO-uitgaven-1.629.0003.430.515
Resultaat overall284.0000,8%-422.000-1,0%228.0000,5%232.0000,5%

De afgelopen jaren was het financiële beleid erop gericht de financiële structuur van de instelling te verstevigen. De solvabiliteit is vanaf 2015 jaarlijks stabiel gegroeid. De doelstelling is hiermee zonder meer succesvol gerealiseerd. 

De komende jaren staan in het teken van enkele omvangrijke verbouw-, nieuwbouw- en renovatieprojecten. Hiervoor verricht de instelling (deels) zelf investeringen.

De komende jaren wordt een vervolg gegeven aan het scherp budgetbeheer en informatiemanagement. Hiermee wordt ervoor gezorgd dat de financiële huishouding gezond blijft, locaties jaarlijks meer te besteden krijgen en ruimte blijft bestaan om te investeren in leerlingen (door inzet van uitstekend opgeleid personeel en het bieden van een eigentijdse en toonaangevende onderwijsomgeving).

Om dit te bereiken koerst de organisatie op een jaarlijkse rentabiliteit van 1%. Hiermee voldoet Het Stedelijk eveneens aan de minimumeis van de Inspectie van het Onderwijs. De inspectie eist (gemeten over drie jaren) een minimum rentabiliteit van gemiddeld 0%.

Wat betreft de afzonderlijke posten uit de winst-verlies rekening, zijn de rijksinkomsten voornamelijk gebaseerd op de ontwikkeling van het aantal leerlingen. Personele lasten bewegen mee met de personele lumpsum inkomsten en andere aanvullende personele inkomsten. De huisvestingslasten zijn afgeleid van het meerjaren investerings- en onderhoudsplan. De overige instellingslasten zijn ingeschat op basis van onderliggende contracten en ervaringscijfers. Tot slot zijn de financiële lasten bepaald op basis van de vastliggende rentelasten van de langdurige schulden.  

Hieronder nog een verklarende tabel rondom de ontwikkeling van de formatie voor de komende jaren. 

De ontwikkeling van het personeel loopt in de pas met de ontwikkeling van de rijksbijdragen alsmede de personele uitgaven. In 2021 en 2022 heeft een toename van personele inzet plaatsgevonden teneinde achterstanden als gevolg van corona weg te werken (NPO / IOP).

Ontwikkeling formatie

Verslagjaar 2021Verslagjaar 2022Raming 2023Raming 2024Raming 2025
Aantal leerlingen (1 okt)3.2583.5383.5383.6183.683
Personele bezetting (fte)358386380389396
Bestuur/management77777
Personeel primair proces287310305313318
Ondersteunend personeel6469686971

ONTWIKKELING VAN ACTIVA EN PASSIVA

Tot slot is het minstens zo belangrijk om te kijken hoe de balans van Het Stedelijk zich ontwikkelt. De gemaakte exploitatieberekening is doorgerekend, de balansprognose is een product van de begroting 2023 (bedragen in €1.000).

Balansprognose 2023-2025

Balans RealisatieBalans Prognose
202020212022202320242025
Ontwikkeling activa
Materiële vaste activa1.8831.8312.7464.3467.7465.246
Vlottende activa7.57614.04012.5358.5765.1367.636
Vorderingen812408849890850850
Liquide middelen6.76413.63211.6867.6864.2866.786
Totaal9.45915.87115.28112.92212.88212.882
Ontwikkeling passiva
Eigen vermogen (publiek)1.0511.8081.9641.5421.7712.004
Eigen vermogen (privaat)000000
Voorzieningen3.2463.6764.0925.2005.3505.490
Langlopende schulden1.4951.4601.4221.4301.3901.360
Kortlopende schulden3.6678.9277.8034.7504.3714.028
Totaal9.45915.87115.28112.92212.88212.882
Belangrijkste kengetallen Het Stedelijk 202020212022202320242025
Solvabiliteit45%35%40%52%55%58%
Liquiditeit207%157%161%181%118%190%
Netto-werkkapitaal107%57%61%81%18%90%
Solvabiliteit 111%11%13%12%14%16%

De solvabiliteit in 2022 en de nabije (begrote) toekomst voldoen aan de norm van de Inspectie van het Onderwijs (30%).  Verder blijft de liquiditeit de komende jaren boven de minimumgrens van 75%. Het liquiditeitssaldo lijkt overigens hoog, maar moet worden bezien in relatie met de investeringsopgaven vanuit de IHP voor de komende jaren.

Tot slot volgt een korte toelichting op de afzonderlijke balansposten: de boekwaarde van de materiële vaste activa is afgeleid uit het meerjareninvesteringsplan. De toename van het eigen vermogen is gebaseerd op de meerjarenexploitatierekening. Bij de voorzieningen worden mutaties voorzien in de afzonderlijke voorzieningen, maar per saldo een stabilisatie van de totale voorzieningenomvang. De aflossing van de langlopende schulden ligt voor de komende jaren vast en is doorgerekend. 

 

Risico’s en Onzekerheden

RJ 400 stelt uitgebreide eisen aan de wettelijke verplichting inzake de beschrijving van risico’s en onzekerheden. Hieronder wordt nader ingegaan op risico’s en onzekerheden, die overigens ook al voor een belangrijk deel zijn beschreven in de begroting 2023.

 

Leerplusarrangement

Het leerplusarrangement vormt een belangrijke doelsubsidie voor onze organisatie. Het rijk geeft via deze regeling extra middelen aan scholen waarvan de leerlingen voor een belangrijk deel uit zogenaamde achterstandswijken komen. Deze achterstandswijken worden landelijk bepaald op postcodeniveau. In de (meerjaren)begroting wordt altijd gerekend met dezelfde postcodegebieden die voor Enschede het jaar ervoor golden. 

Indien echter één of meerdere Enschedese wijken niet meer als ‘probleemwijk’ worden aangemerkt, valt de bekostiging fors lager uit dan het begrote bedrag. Doordat de postcodecummulatiegebieden pas in het voorjaar van elk jaar bekendgemaakt worden, loopt de organisatie voor dit bekostigingsonderdeel een risico.

 

Inflatie

Er is vanaf 2022 sprake van een enorme inflatie. In de begroting 2023 hebben we rekening gehouden met een extra inflatie impact van 0,7 mln. Gezien de uitzonderlijke ontwikkelingen en blijvende instabiliteit op het continent, kunnen de effecten van de inflatie nog omvangrijker zijn voor onze organisatie.

 

Arbeidsmarkt

De arbeidsmarkt staat onder druk. Gekwalificeerd personeel is schaars en steeds lastiger te vinden. Daarnaast zien we een flexibilisering van arbeidsrelaties. We beschouwen dit als een risico omdat échte betrokkenheid met ‘onze’ school afneemt, de aansturing wordt uitdagender (zeggenschap ligt niet altijd meer bij de locatieleiding, maar ook bij uitlenende partij en uitgeleende) en bovenal nemen de personele lasten behoorlijk toe (bijvoorbeeld niet verrekenbare btw van 21%). Flexibilisering is een bedreiging voor gelijkheid, personeel en collectiviteit van arbeidsomstandigheden.

 

Corona

Gelukkig kon het onderwijs gedurende 2022 zonder verplichte sluitingen (zoals in 2020 en 2021) plaatsvinden. De effecten van corona (leerachterstanden) zijn nog voelbaar. We verwachten dat corona geheel ten einde is. Maar nieuwe ontwikkelingen hieromtrent hebben onvoorspelbare (financiële) effecten op onze organisatie en doelstelling.

 

Energiecrisis / transitie

De inflatie is flink aangewakkerd door (tijdelijk?) fors oplopende energietarieven. Onze instelling heeft een contract afgesloten via een collectief Energie voor Scholen bij DVEP. Een groot deel van de energie voor 2023, 2024 (75%) en 2025 (45%) is reeds ingekocht. Dit lijkt goed geregeld, maar wij hebben geen grip op  continuïteit van leveranciers (als gevolg van verliesgevende energiecontracten). Voorts zien we een versnelling voor duurzaamheidseisen. De overheid stelt hoge eisen / wensen, maar komt nog niet met financiële of technische oplossingen. Slechts beperkte subsidies zijn mogelijk (eigen bijdrage 70%). Opgewekte elektriciteit kan niet teruggeleverd worden als gevolg van een overbelast energienetwerk.

 

Ontwikkeling ISK / personele inzetbaarheid

De groei van de ISK gaat gepaard met onzekerheden op formatie en bouwkundig gebied. De ISK heeft relatief gezien steeds meer invloed op de organisatie. ISK heeft ruim 10% van het totaal aantal leerlingen. Dat was minder dan 5%. ISK kenmerkt zich door onzekerheid t.a.v. de leerlingontwikkeling én bekostiging die hierop volgt. Dat de ISK verder gaat groeien is een gegeven, hoe groot is niet voorspelbaar. De flexibiliteit die organisatie moet hebben ten aanzien van formatie neemt in 2023 toe (terwijl dit arbeidsrechtelijk eindig is). In theorie zou het aantal leerlingen van de ISK net zo hard kunnen dalen als dat deze stijgen. We verwachten echter dat dit risico beperkt is en dat de ISK de komende jaren een grote omvang in de organisatie zal houden.

Naast formatief is de huisvesting ook een uitdaging. In samenwerking met de gemeente Enschede proberen we op een zo duurzaam mogelijke wijze te investeren in adequate onderwijsvoorzieningen. Die liefst waarde moeten houden voor de toekomstige leerlingen uit de stad.

 

IHP / duurzaamheidsinvesteringen

De instelling heeft een IHP gesloten met de gemeente Enschede en overige onderwijspartijen in de stad Enschede. Het Stedelijk Kottenpark en Het Stedelijk College Zuid zijn locaties die voor 2030 vernieuwd/gerenoveerd moeten worden. De IPH-afspraken gaan uit van een (minimale) eigen bijdrage van 8,5% van het door de gemeente beschikbaar gestelde budget. De organisatie moet rekening houden met omvangrijke eigen bijdragen (naar verwachting tussen 3 en 4 miljoen euro). Daarnaast moet rekening gehouden worden dat de indexatie van de bouwbudgetten vanuit de gemeente mogelijk te langzaam de daadwerkelijke inflatie volgt. Dit risico valt niet direct te becijferen. Deels omdat dit nog ver in de toekomst ligt en deels dat bouwkundige keuzes/ambities ook naar beneden bijgesteld kunnen worden. Naast de opgave van de IHP zijn duurzaamheidsinvesteringen nodig. Door de stijgende prijzen en beschikbaarheid van subsidies wordt het voor de instelling steeds aantrekkelijker om investeringen te doen (vooruitlopend op de IHP). Deze investeringen hebben niet direct een financieel risico, maar kunnen tot een flinke extra investering in 2023 leiden / een uitstroom van liquiditeit betekenen.

 

Samenwerkingsverband passend onderwijs (SWV VO 2302)

Het op peil houden van de basisondersteuning vraagt een blijvende allocatie van de SWV gelden binnen de basis en extra ondersteuning van Het Stedelijk. Hier ligt momenteel een fors risico omdat SWV VO 2302 een nogal traditionele verdeelsleutel hanteert voor de verdeling van gelden naar de afzonderlijke besturen. De verdeling wordt vrijwel volledig bepaald door het aantal VMBO BK leerlingen van een bestuur in leerjaar 3 en 4. De intentie van SWV VO 2302 was om deze verdeelsleutel wederom voor 4 jaar vast te leggen, namelijk van 2023 tot 2027. Dit zou voor Het Stedelijk tot een korting hebben geleid van ongeveer € 600.000 structureel per jaar (in drie jaar af te bouwen met € 200.000 per jaar). Dus ondanks dat Het Stedelijk ongeveer evenveel leerlingen heeft als 4 jaar geleden, dreigt wel een korting van 25%!

Wij vinden dat de gehanteerde verdeelsystematiek van SWV VO 2302 gebaseerd is op een verouderd principe en hebben dit op bestuurlijk niveau aangekaart. Gepleit wordt voor een verdeelsleutel die het principe van SWV VO 2302 zijnde ‘we zijn er voor elke leerling’ meer recht doet. SWV VO 2302 heeft toegezegd dit in onderzoek te nemen.

Naast de verdeelsleutel die onzes inziens niet te rechtvaardigen financiële nadelen voor Het Stedelijk herbergt, is binnen het SWV VO 2302 in 2022 sprake van groei van het aantal leerlingen in het speciaal voortgezet onderwijs (directe aanmelding). Dit betekent dat de bekostiging vanuit
SVW VO 2302 terug kan lopen. De vermogenspositie van SWV VO 2302 is overigens nog steeds stevig te noemen (eind 2022 + 2mln).

 

Liquiditeitsbewaking

De liquiditeit geeft inzicht in de mate waarin Het Stedelijk aan haar lopende betaalverplichtingen kan voldoen. De P&C-cyclus voor de liquiditeitsbewaking is als volgt ingericht: voor de kortere termijn (kalenderjaar) wordt gewerkt met een maandrapportage inclusief een eindejaarsprognose. Voor de langere termijn wordt gewerkt met een meerjarenliquiditeitsprognose als onderdeel van de begroting. 

Om de risico’s verder te beheersen, moeten nog de volgende kanttekeningen worden gemaakt. Aan het eind van het kalenderjaar is de stand van de liquide middelen, door het betalingsritme van het ministerie van OCW, het laagst in het jaar. De lumpsum wordt namelijk niet gelijkelijk over 12 maanden uitgekeerd. In de eerste zeven maanden van een jaar relatief veel en in de laatste vijf maanden van een jaar relatief weinig. Gedurende het kalenderjaar is er dus geen risico op een lager banksaldo dan de eindejaarsprognose. En tot slot kan worden gemeld dat er sprake is van kredietruimte bij onze rekening courant met het ministerie van Financiën. Het maximaal toelaatbare krediet bedraagt € 2.800.000. In algemene zin is, door de verbeterde financiële situatie van de organisatie, het risicoprofiel voor een mogelijk liquiditeitstekort als laag te kwalificeren.  

 

Huisvesting: onderhoud gebouwen

Wat betreft huisvesting wordt eventuele nieuwbouw door de gemeente bekostigd, maar Het Stedelijk is zelf verantwoordelijk voor goed onderhoud aan de gebouwen. Om inzicht te krijgen in de staat van onderhoud van onze gebouwen, zijn van alle locaties meerjarenonderhoudsplannen (MJOP) beschikbaar. Om de plannen actueel te houden, worden deze tweejaarlijks getoetst door externe deskundigen (bouwkundig en installatietechnisch) in nauwe samenwerking met deskundigen op het bestuursbureau. Deze MJOP’s geven per locatie inzicht in zowel de financiële risico’s als ook eventuele veiligheid- of arbotechnische risico’s voor medewerkers en leerlingen. 

Verder zijn er onderhoudsplannen voor de bouwkundige elementen (zoals daken, schilderwerk, vloeren) van alle locaties. Deze zijn opgesteld door een gespecialiseerd bouwkundig adviesbureau. Ook zijn er MJOP’s voor de installatietechnische elementen (zoals CV ketels, pompen, luchtbehandeling). Deze zijn opgesteld door de partners die het onderhoud van de installaties verzorgen. Ook zijn er nog afzonderlijke MJOP’s voor bijvoorbeeld liftinstallaties.

MJOP’s (veelal opgesteld voor een periode van 20 jaar) geven op detailniveau per jaarschijf een beeld van de onderhouds- en/ of vervangingstermijnen van alle gebouw- en installatietechnische elementen die in de panden aanwezig zijn. Het onderhoud dat hieruit volgt is voorzien door de instelling.

Deze termijnen zijn gebaseerd op economische levensduur en daarmee zijn het theoretische termijnen. In de praktijk zal soms eerder en soms ook later dan op de genoemde termijn een investering nodig zijn. Daarom wordt het (meerjaren-) investeringsplan opgesteld aan de hand van de MJOP’s én een toetsing/ schouw van de werkelijke situatie. 

Alle MJOP’s bij elkaar leiden tot een totaal investeringsplan groot onderhoud voor de instelling. Het gemiddelde investeringsniveau voor groot onderhoud, wet- en regelgeving en ICT voor de jaarschijven 2021-2025 ligt op € 1.500.000 per jaar, dat wordt betaald uit de lopende begroting en wordt gedekt vanuit de voorziening groot onderhoud.

 

07
GOVERNANCE

 

INTERNE ORGANISATIESTRUCTUUR

Voorzitter van College van Bestuur
De voorzitter van het College van Bestuur van Het Stedelijk is Manon Ketz. De voorzitter van het College van Bestuur is verantwoordelijk voor het ontwikkelen en uitvoeren van het beleid van de organisatie en het aansturen van de locatieleiding. 

Directievergadering
De Directievergadering bestaat uit de directeuren van de locaties, de directeur van het Centrum voor Onderwijs, Ondersteuning & Innovatie en de directeur van het Bestuursbureau. Zij zijn verantwoordelijk voor het uitvoeren van het beleid op hun locatie en geven leiding aan het managementteam van hun onderdeel of locatie. De voorzitter van de Directievergadering is Manon Ketz.

Governance 
Het Stedelijk hanteert de code Goed Onderwijsbestuur van de VO-raad. De code Goed Onderwijsbestuur laat zien waar de vo-sector voor staat en is in 2019 herzien. De herziene code is door de Raad van Toezicht in november 2019 voor Het Stedelijk vastgesteld. De code geeft aan hoe de sector de kwaliteit van het onderwijs wil waarborgen en daar ook verantwoordelijkheid voor neemt.

REGELINGEN

VERANTWOORDING

EXTERN TOEZICHT

ACCOUNTANT

INTERN TOEZICHT

TEVREDENHEIDSONDERZOEKEN

KLACHTENREGELING

MEDEZEGGENSCHAP

De wettelijke basis voor medezeggenschap ligt in de Wet Medezeggenschap op Scholen (WMS). Het Stedelijk is een organisatie met meerdere scholen en zij heeft een Gemeenschappelijke Medezeggenschapsraad (GMR) ingesteld, waarin mensen van elke geleding (personeel, ouders en leerlingen) zijn vertegenwoordigd.

Verder hebben alle locaties van Het Stedelijk een eigen deelraad waarin personeel, ouders en leerlingen zetels hebben. Goede medezeggenschap kan niet zonder een goed reglement en statuut. De bestuurder kijkt daarom samen met de GMR regelmatig naar noodzakelijke aanpassingen. 

De GMR is in 2022 uitgebreid geïnformeerd over:

  • corona en de maatregelen die daarmee gemoeid zijn
  • aanmeldingen
  • veranderprogramma
  • uitgangspunten kaderbrief
  • kansengelijkheid
  • inspectiebezoeken
  • voortgang RI&E
  • jaarverslag 
  • onderwijsresultaten en tevredenheidsonderzoeken
  • besturingsvisie
  • jaarverslag externe vertrouwenspersoon
  • kwaliteitszorgcyclus
  • bestuursrapportages
  • taken en verantwoordelijkheden examinering
  • functiebouwwerk
  • ontwikkeling ISK
  • havo traject Innova
  • interim directeuren Het Stedelijk Zwering en Het Stedelijk Kottenpark 
  • doorontwikkeling Bestuursbureau en Centrum voor Onderwijs en Ondersteuning
  • strategisch beleidsplan
  • open dagen
  • positionering leerwegen
  • beleidsontwikkeling volgend schooljaar
  • International School Twente
  • regionaal plan onderwijsvoorzieningen
  • evaluatie eigen ondersteuningsstructuur
  • proces Arbeidsmarkttoelage
  • inkoop- en aanbestedingsbeleid
  • kaderbrief
  • kwalitatief taakbeleid
  • Notitie persoonsgegevens & maatregelen tegen datalekken

Ook heeft de GMR instemming dan wel advies gegeven over de volgende onderwerpen. Hierbij is voor onder andere de begroting een deskundige uitgenodigd om tekst en uitleg te geven.

  • klokkenluidersregeling
  • examenreglementen
  • bedrijfsarts/Arbo-unie
  • vakantierooster
  • procedure functiebouwwerk
  • tijdruimte medezeggenschap
  • thuiswerkbeleid
  • betaald ouderschapsverlof
  • werkdrukverlichting en taakbeleid
  • begroting
  • leerlingenstatuut
  • doorstroom 4 Mavo naar 4 Havo

instemming GMR
instemming GMR
instemming GMR
advies GMR
instemming PGMR
instemming PGMR
instemming PGMR
instemming PGMR
instemming PGMR
advies GMR
instemming LGMR
advies GMR

Verder staat ook het samenwerkingsverband en de daaraan verbonden OPR met grote regelmaat op de agenda van de GMR.

De GMR heeft het afgelopen jaar 9 keer overleg gevoerd met de bestuurder en 2 keer met de Raad van Toezicht. Daarnaast hebben de voorzitters van GMR en RvT elkaar regelmatig gesproken om elkaar op de hoogte te houden van wat speelt.

Omdat de GMR het contact met de deelraden belangrijk vindt, zijn vanuit de GMR contactpersonen aangesteld voor de deelraden. Er is het afgelopen jaar 1x fysiek overleg geweest tussen de GMR en (vertegenwoordigers van) de deelraden.

 

08
JAARVERSLAG 2022
RAAD VAN TOEZICHT

 

ALGEMEEN

De Raad van Toezicht (RvT) is sparringpartner, klankbord en adviseur van het bestuur. De RvT houdt op basis van de statuten toezicht op de algemene gang van zaken binnen de stichting en op het beleid van het bestuur. Bij de invulling van zijn taak stelt de RvT zich onafhankelijk op en hanteert de richtlijnen die zijn vastgelegd in de code Goed Onderwijsbestuur VO en ziet toe op het naleven van de wettelijke voorschriften. De rechtmatige verwerving en rechtmatige en doelmatige besteding van middelen valt onder de wettelijke verantwoordelijkheid van de RvT. De RvT functioneert als werkgever voor het bestuur en is ambassadeur van Het Stedelijk. 

SAMENSTELLING

WERKWIJZE

VERGADERINGEN

De RvT van Het Stedelijk hanteert een zogenaamd ‘two tier’ model, met een RvT en een bestuurder. De voorzitter van de RvT heeft regelmatig overleg met de bestuurder. In 2022 is de Raad van Toezicht in totaal acht keer bij elkaar gekomen, waarvan vier keer in een vergadering met de bestuurder en één strategische sessie waarbij de bestuurder is aangesloten. Eén van de vijf geplande reguliere vergaderingen met bestuurder in 2022 is wegens ziekte komen te vervallen. In alle gevallen werden de RvT vergaderingen met bestuurder voorafgegaan door een intern RvT overleg. 

Naast voorgaande overleggen is de RvT nog in drie interne overleggen bijeengekomen, waarvan de eerste van de drie overleggen onder begeleiding van een externe heeft plaatsgevonden. Tijdens deze interne overleggen heeft de RvT onder andere gewerkt aan rolduiding, samenstelling, taakverdeling en team, evenals aan het toezicht- en toetsingskader.

OVERLEG MET MEDEZEGGENSCHAP

Onder andere om zich ook langs een andere weg te laten informeren over de gang van zaken binnen Het Stedelijk heeft de RvT twee keer per jaar overleg met de gemeenschappelijke medezeggenschapsraad (GMR). In juni en oktober 2022 heeft de Raad van Toezicht overleg gevoerd met de GMR. De halfjaarlijkse gesprekken zijn in de jaarplanningen van de GMR en Raad van Toezicht opgenomen en het opstellen van de agenda rouleert tussen de GMR en de Raad van Toezicht. In de overleggen zijn diverse actuele thema’s besproken, hierbij is geconstateerd dat GMR en RvT aandacht geven aan veelal dezelfde thema’s. Daarnaast hebben beide raden een terugkoppeling gegeven over hun eigen functioneren en is gekeken hoe zij elkaar nog verder kunnen versterken.

LOCATIEBEZOEKEN

Regulier brengt de RvT één à twee keer per jaar een locatiebezoek aan een van de scholen. Vanwege de coronapandemie hebben deze bezoeken niet kunnen plaatsvinden. Met ingang van 2022 heeft de RvT weer een locatiebezoek gebracht en dit betrof Het Stedelijk College Zuid.

BELANGRIJKE ONDERWERPEN EN BESLUITEN IN 2022

Naast de nodige onderwerpen die elders in deze tekst al aan de orde komen, licht de RvT nog graag een paar onderwerpen eruit die de RvT in 2022 heeft besproken met bestuurder.

Een mijlpaal was toch wel het lustrum van de organisatie. Door covid19 moest het feest wat uitgesteld worden. Maar met een mooi Lustrumfeest kon dit heugelijke feit toch worden gevierd.

Huisvesting is een belangrijk thema voor Het Stedelijk. De oplevering van de nieuwe locatie van Innova was een feit en ook voor Kottenpark wordt onderzocht hoe deze locatie up-to-date blijft. Voor de gehele organisatie blijft huisvesting een belangrijk thema, wat ook veel andere onderwerpen binnen het onderwijs raakt. De RvT zal hier aandacht voor houden.

Het strategisch beleidsplan 2022-2026 is in 2022 vertaald naar de kaderbrief 2022-2024 voor de verschillende locaties, waarmee zij in lijn met het beleidsplan op locatieniveau hun plannen en daarbij behorende begroting opstellen. Tevens is in het verlengde van het strategische beleidsplan een vernieuwde identiteit en merkenstrategie ontwikkeld. De RvT spreekt haar waardering uit hoe de uitwerking van het strategische beleidsplan wordt opgepakt. 

De RvT is tevreden over de wijze waarop door het bestuur uitvoering wordt gegeven aan de kwaliteitszorg van het onderwijs en het doorontwikkelen van een ondersteunend managementinformatiesysteem voor het monitoren ervan. 

In het voorjaar van 2022 zijn alle coronamaatregelen geschrapt en keerde het normale leven weer terug. De RvT is verheugd dat zowel de leerlingen als de leerkrachten weer op een normale wijze de lessen kunnen vervolgen.

Over sommige locaties en/of situaties heeft de bestuurder de RvT diepgaander geïnformeerd. Dit heeft niet tot besluiten van de RvT geleid, maar wel dat de RvT kon constateren en onderschrijven dat de bestuurder adequaat op deze situaties heeft geacteerd.

Doorontwikkeling stafafdeling is ingezet. De bestuurder heeft de RvT hierover geïnformeerd en in 2023 zal de implementatie hiervan plaatsvinden. 

De instroom, doorstroom en uitstroom van leerlingen is een belangrijk onderwerp dat zowel de aandacht van de bestuurder heeft, als dat van de RvT. Hier wordt met de nieuwe identiteit en merkenstrategie actief op geacteerd met gemiddeld positief succes in relatie tot de ontwikkeling van het totaal aantal leerlingen in Enschede. De RvT wil dit  met de bestuurder nog meer aandacht geven in een speciale themasessie.

De RvT heeft decharge verleend voor het in 2021 gevoerde beleid en heeft het jaarverslag en de jaarrekening 2021 goedgekeurd. Ook heeft de RvT haar goedkeuring verleend aan de begroting 2023.

Een mijlpaal was toch wel het lustrum van de organisatie. Door covid19 moest het feest wat uitgesteld worden. Maar met een mooi Lustrumfeest kon dit heugelijke feit toch worden gevierd.

Over sommige locaties en/of situaties heeft de bestuurder de RvT diepgaander geïnformeerd. Dit heeft niet tot besluiten van de RvT geleid, maar wel dat de RvT kon constateren en onderschrijven dat de bestuurder adequaat op deze situaties heeft geacteerd.

Huisvesting is een belangrijk thema voor Het Stedelijk. De oplevering van de nieuwe locatie van Innova was een feit en ook voor Kottenpark wordt onderzocht hoe deze locatie up-to-date blijft. Voor de gehele organisatie blijft huisvesting een belangrijk thema, wat ook veel andere onderwerpen binnen het onderwijs raakt. De RvT zal hier aandacht voor houden.

Doorontwikkeling stafafdeling is ingezet. De bestuurder heeft de RvT hierover geïnformeerd en in 2023 zal de implementatie hiervan plaatsvinden. 

Het strategisch beleidsplan 2022-2026 is in 2022 vertaald naar de kaderbrief 2022-2024 voor de verschillende locaties, waarmee zij in lijn met het beleidsplan op locatieniveau hun plannen en daarbij behorende begroting opstellen. Tevens is in het verlengde van het strategische beleidsplan een vernieuwde identiteit en merkenstrategie ontwikkeld. De RvT spreekt haar waardering uit hoe de uitwerking van het strategische beleidsplan wordt opgepakt. 

De instroom, doorstroom en uitstroom van leerlingen is een belangrijk onderwerp dat zowel de aandacht van de bestuurder heeft, als dat van de RvT. Hier wordt met de nieuwe identiteit en merkenstrategie actief op geacteerd met gemiddeld positief succes in relatie tot de ontwikkeling van het totaal aantal leerlingen in Enschede. De RvT wil dit  met de bestuurder nog meer aandacht geven in een speciale themasessie.

De RvT is tevreden over de wijze waarop door het bestuur uitvoering wordt gegeven aan de kwaliteitszorg van het onderwijs en het doorontwikkelen van een ondersteunend managementinformatiesysteem voor het monitoren ervan. 

De RvT heeft decharge verleend voor het in 2021 gevoerde beleid en heeft het jaarverslag en de jaarrekening 2021 goedgekeurd. Ook heeft de RvT haar goedkeuring verleend aan de begroting 2023.

In het voorjaar van 2022 zijn alle coronamaatregelen geschrapt en keerde het normale leven weer terug. De RvT is verheugd dat zowel de leerlingen als de leerkrachten weer op een normale wijze de lessen kunnen vervolgen.

COMMISSIES

De RvT kent een drietal commissies: de auditcommissie, de remuneratiecommissie, onderwijscommissie. De commissies nemen geen besluiten, maar bereiden de besluitvorming in de reguliere vergaderingen van de RvT voor. De commissies brengen schriftelijk verslag uit aan de RvT. 

AUDITCOMMISSIE

RENUMERATIE- COMMISSIE

ONDERWIJS- COMMISSIE

EIGEN FUNCTIONEREN

Ten aanzien van het eigen functioneren is het volgende onderwerp aan de orde geweest: 

Continuïteit binnen de Raad van Toezicht
Het rooster van aftreden is aangepast om eenheid en continuïteit binnen de raad te waarborgen. Van mevrouw Velthuis en de heer Pol liep in 2022 hun eerste termijn af. Beiden hebben zich herkiesbaar gesteld en zijn herverkozen. 

Zelfevaluatie
In het verslagjaar heeft de RvT een zelfevaluatie uitgevoerd onder begeleiding van een extern deskundige. Dit heeft geleid tot enkele aanbevelingen aan de RvT die nader zijn opgepakt in de interne sessies van de RvT. 

De RvT wil zijn waardering uitspreken voor het college van bestuur, docenten, ondersteuners, leerlingen en ieder ander die actief betrokken is bij Het Stedelijk en het onderwijs dat er gegeven wordt. Dank voor al het werk dat verzet is en de flexibiliteit en creativiteit die aan de dag is gelegd. 

Belangen
Er is geen sprake geweest van situaties met (potentieel) tegenstrijdig belang.

ROOSTER VAN AFTREDEN

 

09
ALGEMENE GEGEVENS

 

Bestuursbureau 
Tiemeister 20 
7541 WG Enschede 
(053) 480 0000 
bestuur@hetstedelijk.nl 

Lyceumlaan 30 
7522 GK Enschede  
(053) 482 1200 
kottenpark@hetstedelijk.nl 

Tiemeister 20 
7541 WG Enschede 
(053) 482 1100 
collegezuid@hetstedelijk.nl 

 

Jan Vermeerstraat 49 
7545 BN Enschede 
(053) 482 1280 
zwering@hetstedelijk.nl 

 

Gronausestraat 300
7533 BM Enschede
(053) 480 1260 
innova@hetstedelijk.nl 

Centrum voor Onderwijs en Ondersteuning
J.J. van Deinselaan 32 
7541 PE Enschede 
053- 482 1270
coo@hetstedelijk.nl

Wethouder Beversstraat 195 
7543 BK Enschede 
053 – 482 1300 
alpha@hetstedelijk.nl

J.J. van Deinselaan 32 
7541 PE Enschede 
(053) 482 1501 
diekman@hetstedelijk.nl 

Mekkelholtspad 4 7
7523 DC Enschede 
(053) 482 1366 
isk@hetstedelijk.nl 

Dotterbloemstraat 75 
7531 TB Enschede 
(053) 482 13 80
flores@hetstedelijk.nl

Novo Ego
Hoge Bothofstraat 39-Q (Performance Factory)
7511 ZA Enschede
(06) 13 20 34 60
novoego@hetstedelijk.nl

International School Twente
Tiemeister 20
7541 WG Enschede
(053) 482 1130

 

10
GRONDSLAGEN WAARDERING
ACTIVA & PASSIVA

 

ALGEMEEN

De jaarrekening is opgesteld op basis van de grondslagen zoals opgenomen in boek 2, titel 9 van het Burgerlijk Wetboek en de adviezen van de Raad voor de Jaarverslaggeving, zoals vastgelegd in de Richtlijn Jaarverslaggeving onderwijsinstellingen (RJ 660). Alle bedragen zijn in euro’s uitgedrukt.

Voor zover niet anders is vermeld worden activa en passiva opgenomen tegen nominale waarde. Een actief wordt in de balans opgenomen wanneer het waarschijnlijk is dat de toekomstige economische voordelen naar de stichting zullen toevloeien en de waarde daarvan betrouwbaar kan worden vastgesteld. Een verplichting wordt in de balans opgenomen wanneer het waarschijnlijk is dat de afwikkeling daarvan gepaard zal gaan met een uitstroom van middelen die economische voordelen in zich bergen en de omvang van het bedrag daarvan betrouwbaar kan worden vastgesteld.


De baten en lasten worden toegerekend aan de periode waarop zij betrekking hebben. Baten worden in de staat van baten en lasten opgenomen wanneer een vermeerdering van het economisch potentieel, samenhangend met een vermeerdering van een actief of een vermindering van een verplichting, heeft plaatsgevonden, waarvan de omvang betrouwbaar kan worden vastgesteld. Lasten worden verwerkt wanneer een vermindering van het economisch potentieel, samenhangend met een vermindering van een actief of een vermeerdering van een verplichting, heeft plaatsgevonden, waarvan de omvang betrouwbaar kan worden vastgesteld.

Als een transactie ertoe leidt dat nagenoeg alle of alle toekomstige economische voordelen en alle of nagenoeg alle risico’s met betrekking tot een actief of verplichting aan een derde zijn overgedragen, wordt het actief of de verplichting niet langer in de balans opgenomen. Verder worden activa en verplichtingen niet meer in de balans opgenomen vanaf het tijdstip waarop niet meer wordt voldaan aan de voorwaarden van waarschijnlijkheid van de toekomstige economische voordelen en/of betrouwbaarheid van de bepaling van de waarde.

De opstelling van de jaarrekening vereist dat het management oordelen vormt en schattingen en veronderstellingen maakt die van invloed zijn op de toepassing van grondslagen en de gerapporteerde waarde van activa en verplichtingen van baten en lasten.

De daadwerkelijke uitkomsten kunnen afwijken van deze schattingen. De schattingen en onderliggende veronderstellingen worden voortdurend beoordeeld. Herzieningen van schattingen worden opgenomen in de periode waarin de schatting wordt herzien en in toekomstige perioden waarvoor de herziening gevolgen heeft.

Continuïteitsveronderstelling
Deze jaarrekening is opgesteld uitgaande van de continuïteitsveronderstelling.

 


Financiële instrumenten
Onder financiële instrumenten worden zowel primaire financiële instrumenten, zoals vorderingen en schulden, als financiële derivaten verstaan. In de toelichting op de onderscheiden posten van de balans wordt de reële waarde van het betreffende instrument toegelicht als die afwijkt van de boekwaarde. Als het financiële instrument niet in de balans is opgenomen wordt de informatie over de reële waarde gegeven in de toelichting op de ‘Niet in de balans opgenomen rechten en verplichtingen’. Voor de grondslagen van primaire financiële instrumenten wordt verwezen naar de behandeling per balanspost.

Vergelijking met voorgaand jaar
De grondslagen van waardering en van resultaatbepaling zijn ongewijzigd ten opzichte van voorgaand jaar.


Materiële vaste activa
De materiële vaste activa worden gewaardeerd tegen aanschafwaarde verminderd met de cumulatieve afschrijvingen en indien van toepassing met bijzondere waardeverminderingen.

De activeringsgrens voor investeringen en onderhoud gebouwen bedraagt €5.000. Items met een lagere aanschafwaarde worden rechtstreeks als last in de staat van baten en lasten verantwoord. Onderhoudsuitgaven worden met ingang van 2020 niet meer geactiveerd.  Onderhoudsuitgaven die in het verleden zijn geactiveerd zijn volledig afgeboekt (stelselwijziging). De afschrijvingen worden gebaseerd op de geschatte economische levensduur en worden berekend op basis van een vast percentage van de verkrijgingsprijs, rekening houdend met een eventuele restwaarde. Er wordt afgeschreven op moment van ingebruikname.

Aangewende investeringssubsidies worden zichtbaar in mindering gebracht op de boekwaarde van de materiële vaste activa.

AFSCHRIJVINGSPERCENTAGE

Vorderingen
Vorderingen zijn gewaardeerd tegen nominale waarde. Een voorziening wordt getroffen op de vorderingen op grond van verwachte oninbaarheid. De voorzieningen worden bepaald op basis van individuele beoordeling van de vorderingen met als uitgangspunten de hoogte van het uitstaande bedrag in combinatie met de ouderdom van de vordering en de risico’s die worden gelopen.

Liquide middelen
De liquide middelen zijn gewaardeerd tegen nominale waarde.

Eigen vermogen
Onder het eigen vermogen worden de algemene reserve en de bestemmingsreserves gepresenteerd. De algemene reserve bestaat uit de reserves die ter vrije beschikking staan van het bestuur. Indien een beperkte bestedingsmogelijkheid door de organisatie is aangebracht, dan is het aldus afgezonderd deel van het eigen vermogen aangeduid als bestemmingsreserve.


Voorzieningen

Voorzieningen worden gevormd voor in rechte afdwingbare of feitelijke verplichtingen die op de balansdatum bestaan waarbij het waarschijnlijk is dat een uitstroom van middelen noodzakelijk is en waarvan de omvang op betrouwbare wijze is te schatten. De voorzieningen worden gewaardeerd tegen de beste schatting van de bedragen die noodzakelijk zijn om de verplichtingen per balansdatum af te wikkelen. Deze zijn gewaardeerd tegen nominale waarde.

Wanneer verplichtingen naar verwachting door een derde zullen worden vergoed, wordt deze vergoeding als een actief in de balans opgenomen als het waarschijnlijk is dat deze vergoeding zal worden ontvangen bij de afwikkeling van de verplichting.


Voorziening uitgestelde beloningen

Op basis van Richtlijn 271 van de Raad van de Jaarverslaggeving is een voorziening opgenomen voor verplichtingen uit hoofde van toekomstige uitkeringen bij ambtsjubilea van personeelsleden. De voorziening is berekend op basis van werkelijke loonkosten. Afhankelijk van de te verwachten dienstverbanden is bij de bepaling van de voorziening een kans van effectuering meegenomen. Bij het bepalen van de voorziening is rekening gehouden met een 2,5% loonstijging en een disconteringsvoet van 0,0%. In de berekening van de voorziening is uitgegaan van een pensioengerechtigde leeftijd van 67. Voor medewerkers waarbij sprake is van stapsgewijze verhoging naar 67, wordt rekening gehouden met de werkelijke pensioenleeftijd van het individu. De voorziening wordt gewaardeerd tegen contante waarde. 

 


Voorziening Eigen risicodragerschap 

De voorziening eigenrisicodragerschap is gevormd ter dekking van de verwachte kosten die voortvloeien uit het eigenrisicodragerschap voor de Ziektewet (ZW) en de Werkhervatting Gedeeltelijk Arbeidsongeschikten (WGA). De voorziening is berekend op basis van daadwerkelijke instroom zoals bekend op balansdatum. De voorziening wordt gewaardeerd tegen nominale waarde. 

Voorziening Individueel keuzebudget
De voorziening wordt gewaardeerd tegen het saldo (opbouw ­/­ opname/ uitbetaling) van de uren en de werkelijke loonkosten per functiecategorie. De voorziening wordt gewaardeerd tegen nominale waarde.  

Voorziening Wachtgeld 
De voorziening wachtgeld is gevormd ter dekking van de verwachte kosten, die voortvloeien uit wachtgeldverplichtingen, (bovenwettelijke) werkloosheidverplichtingen en indien van toepassing uitkeringen uit hoofde van de regeling vervroegde uittreding. Jaarlijks vinden dotaties plaats voor zover er nieuwe verplichtingen ontstaan. In het jaar van ontstaan van de verplichting, worden de volledige toekomstige uitgaven gereserveerd. Onttrekkingen vinden plaats op basis van de in het jaar betaalde uitkeringslasten. Indien de desbetreffende personen alsnog werk hebben gevonden en zij uit dien hoofde geen werkloosheidsuitkering ontvangen, vindt (naar rato) vrijval plaats van de reservering op dat moment. De voorziening wordt gewaardeerd tegen nominale waarde.  

Voorziening transitievergoeding
De voorziening is berekend op basis van opbouw van rechten voortvloeiend uit verwachte kosten van afwikkeling van tijdelijke dienstverbanden. De voorziening wordt gewaardeerd tegen nominale waarde.  

Voorziening Langdurig zieken
De voorziening is berekend op basis van daadwerkelijke langdurig zieken zoals bekend op balansdatum. In het jaar van ontstaan van de verplichting, worden de volledige toekomstige uitgaven gereserveerd. De voorziening wordt gewaardeerd tegen nominale waarde.  

Voorziening Groot Onderhoud 
Op basis van meerjarige onderhoudsplannen is de onderhoudsvoorziening gevormd ter dekking van de kosten verbonden aan meerjarig onderhoud ter zake van de materiële vaste activa. De voorziening wordt gewaardeerd tegen nominale waarde.

Langlopende schulden
Schulden met een resterende looptijd van meer dan één jaar worden aangeduid als langlopend. Het aflossingsbedrag van het lopende jaar wordt onder de kortlopende schulden opgenomen. De langlopende schulden worden gewaardeerd tegen de nominale waarde. Een uitzondering hierop vormt de waardering van de schulden aan gemeente Enschede (als gevolg van de liquidatie van Coöperatie Scholingsboulevard Enschede u.a.). De langlopende schulden aan gemeente Enschede zijn gewaardeerd tegen de geamortiseerde kostprijs.

Kortlopende schulden
Schulden met een op balansdatum resterende looptijd van ten hoogste één jaar worden aangeduid als kortlopend. Schulden worden niet gesaldeerd met activa. Kortlopende schulden worden gewaardeerd tegen de reële waarde.

Overlopende passiva betreffen vooruit ontvangen bedragen die aan opvolgende perioden worden toegerekend en nog te betalen bedragen, voor zover ze niet onder de andere kortlopende schulden zijn te plaatsen.

Grondslagen voor de bepaling van het resultaat
De baten en lasten worden toegerekend aan het boekjaar waarop ze betrekking hebben. Verliezen worden genomen op het moment dat deze voorzienbaar zijn.

Rijksbijdragen
De ontvangen (normatieve) rijksbijdrage en de niet geoormerkte Rijkssubsidies (vrij besteedbare doelsubsidies zonder verrekeningsclausule) worden in het jaar waarop de toekenningen betrekking hebben volledig verwerkt als bate in de staat van baten en lasten.

Geoormerkte Rijkssubsidies met een vrij besteedbaar overschot (doelsubsidies waarbij het overschot geen verrekeningsclausule heeft) worden ten gunste van de staat van baten en lasten verantwoord naar rato van de voortgang van de gesubsidieerde activiteiten. Het deel van de subsidies waar nog geen activiteiten voor zijn verricht per balansdatum worden verantwoord onder de overlopende passiva.

Geoormerkte Rijkssubsidies (doelsubsidies met verrekeningsclausule) worden ten gunste van de staat van baten en lasten verantwoord in het jaar ten laste waarvan de gesubsidieerde lasten komen. Niet bestede middelen worden verantwoord onder de overlopende passiva zolang de bestedingstermijn nog niet is verlopen. Niet bestede middelen worden verantwoord onder de kortlopende schulden zodra de bestedingstermijn is verlopen op balansdatum.

Overige exploitatiesubsidies
Overige exploitatiesubsidies worden ten gunste van de staat van baten en lasten gebracht in het jaar waarin de inkomsten zijn gederfd of waarvan de gesubsidieerde lasten komen.

Pensioenen
Het Stedelijk heeft voor haar werknemers de pensioenregeling ondergebracht bij pensioenfonds ABP. De pensioenregeling wordt gekwalificeerd als een zogenoemde toegezegde pensioenregeling. De hiervoor in aanmerking komende werknemers hebben op de pensioengerechtigde leeftijd recht op een pensioen welke afhankelijk is van leeftijd, salaris en dienstjaren op basis van een middelloonregeling. Het Stedelijk betaalt hiervoor jaarlijks vast te stellen premies; waarvan in 2022 70% (2021 70%) door de werkgever en 30% door de werknemer (2021 30%) is betaald. Indexering vindt plaats afhankelijk van de (beleids)dekkingsgraad. De laatste jaren voldoet het pensioenfonds niet aan de wettelijke minimumvereisten inzake de (beleids)dekkingsgraad.

De dekkingsgraad was op 31 december 2022 110,9% (2021 110,6%). Het pensioenfonds voldoet niet aan de minimum beleidsdekkingsgraad van 128%. De dekkingsgraad was 31 maart 2023 111,9%  (31 maart 2022 117,4%). De beleidsdekkingsgraad was op 31 maart 2023 118,6% (31 maart 2022 106,5%) en ligt daarmee boven de kritische dekkingsgraad van 88%, maar ruim onder de minimum beleidsdekkingsgraad van 128%. De kans op (indexatie)verlaging van pensioenen c.q. verhoging van de pensioenpremies in de nabije toekomst is reëel. Wettelijk is bepaald dat de beleidsdekkingsgraad niet langer dan 5 jaar onder 104,2% mag liggen.

Omdat de financiële situatie onvoldoende is, moet ABP een herstelplan indienen bij de toezichthouder De Nederlandsche Bank. Het Stedelijk heeft geen verplichting tot het voldoen van aanvullende bijdragen in het geval van een tekort bij het pensioenfonds ABP, anders dan het effect van hogere toekomstige premies. Het actuariële risico, inclusief het beleggingsrisico, ligt niet bij Het Stedelijk.

Het Stedelijk heeft daarom de pensioenregeling verwerkt als een zogenoemde toegezegde bijdrageregeling. Dit houdt in dat de in de staat van baten en lasten een pensioenlast is opgenomen gelijk aan de over het boekjaar verschuldigde premies. In de balans zijn de verschuldigde premies tot en met het einde van het boekjaar verantwoord.

Op balansdatum bestaat geen verplichting waarvoor een voorziening noodzakelijk wordt geacht.

Kasstroomoverzicht
Het kasstroomoverzicht is opgesteld volgens de indirecte methode. De aansluiting tussen de liquide middelen in de balans en de geldmiddelen in het kasstroomoverzicht is opgenomen onderin het kasstroomoverzicht. In het kasstroomoverzicht zijn alleen posten opgenomen waarbij ruil van geldmiddelen heeft plaatsgevonden.

 

11

JAARREKENING

 

B.2. Balans per 31 december 2022

Na resultaat bestemming31-12-202231-12-2021
1Activa
Vaste activa
1.1Immateriële vaste activa00
1.2Materiële vaste activa2.746.2391.831.178
1.3Financiële vaste activa00
Totaal vaste activa2.746.2391.831.178
Vlottende activa
1.4Voorraden00
1.5Vorderingen848.768407.597
1.6Effecten00
1.7Liquide middelen11.685.74513.632.170
Totaal vlottende activa12.534.51314.039.767
Totaal activa15.280.75215.870.945
2Passiva
2.1Eigen vermogen1.963.6381.807.624
2.2Voorzieningen4.091.9643.676.378
2.3Langlopende schulden1.422.5331.459.546
2.4Kortlopende schulden7.802.6178.927.397
Totaal passiva15.280.75215.870.945

B.3. Staat van baten en lasten

2022Begroting 20222021
3Baten
3.1Rijksbijdragen OCenW41.590.97336.107.00036.976.305
3.5Overige baten2.093.3871.593.0001.669.186
Totaal baten43.684.36037.700.00038.645.491
4Lasten
4.1Personeelslasten35.301.57830.877.00031.515.451
4.2Afschrijvingen888.292682.000636.350
4.3Huisvestingslasten2.829.6062.834.0002.685.967
4.4Overige instellingslasten4.441.8792.944.0002.979.036
Totaal lasten43.461.35437.337.00037.816.805
Saldo baten en lasten223.006363.000828.686
5Financiële baten en lasten
5Resultaat-66.992-79.000-71.646
Totaal resultaat156.014284.000757.040

B.4. Kasstroomoverzicht